ECLI:NL:PHR:2004:AP4485
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg van de Regeling Tijdelijke Inhouding in de CAO voor de sector Smit-Lloyd
Deze zaak betreft de uitleg van een bepaling uit de Regeling Tijdelijke Inhouding (RTI) in de collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) tussen de Federatie van Werknemers in de Zeevaart (FWZ) en Smit c.s. De kern van het geschil is wanneer het moment is aangebroken waarop de sector Smit-Lloyd winst maakt, waardoor de tijdelijke inhoudingen op het loon van werknemers moeten worden stopgezet.
FWZ c.s. stelden dat de inhoudingen moesten stoppen zodra in enige boekhoudkundige periode winst werd behaald, terwijl Smit c.s. betoogden dat winst pas bestond wanneer de eerder opgelopen verliezen waren gecompenseerd. De rechtbank en kantonrechter hanteerden een uitleg waarbij winst een duurzaam karakter moet hebben, passend bij de strekking van de regeling om de sector te laten overleven.
De Hoge Raad bevestigt dat bij de uitleg van CAO-bepalingen de bewoordingen en de kennelijke strekking van de regeling doorslaggevend zijn, waarbij objectieve maatstaven gelden. De Hoge Raad oordeelt dat de voortzetting van de inhoudingen na 1 april 1996 niet zonder nadere motivering gerechtvaardigd was, en vernietigt het bestreden vonnis, verwijzend de zaak naar het gerechtshof voor verdere beoordeling.
Uitkomst: Het arrest vernietigt het bestreden vonnis en verwijst de zaak naar het gerechtshof te 's-Gravenhage.