ECLI:NL:PHR:2004:AR1797
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en geldboete bij overtreding Arbeidstijdenwet en directe werking EG-verordening
In deze zaak werd verdachte door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch vrijgesproken van een tenlastelegging, terwijl hij voor meerdere andere feiten wegens overtreding van voorschriften op grond van artikel 5:12, tweede lid van de Arbeidstijdenwet, werd veroordeeld tot geldboetes.
Namens verdachte werd cassatie ingesteld met het middel dat het Hof ten onrechte artikel 8 van Pro Verordening (EEG) nr. 3820/85 als wettelijk voorschrift had toegepast, omdat deze verordening niet bindend zou zijn krachtens artikel 93 van Pro de Grondwet.
De Hoge Raad overwoog dat EG-verordeningen krachtens artikel 249 EG Pro-verdrag rechtstreeks toepasselijk zijn in alle lidstaten zonder dat nationale omzetting of toepassing van artikel 93 en Pro 94 Grondwet vereist is. Dit betekent dat de verordening zonder nadere nationale maatregel geldt en toepassing ervan niet in strijd is met het legaliteitsbeginsel.
Het cassatiemiddel faalde derhalve en het beroep werd verworpen. Er werden geen gronden gevonden voor ambtshalve vernietiging van de bestreden uitspraak.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling en vrijspraak van het Hof blijven in stand.