ECLI:NL:PHR:2004:AR4196
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid hoger beroep bij vrijspraak in cumulatief tenlastegelegd feit
In deze zaak stond verdachte terecht voor twee cumulatief tenlastegelegde feiten: mishandeling van het slachtoffer en vernieling van diens fiets. De rechtbank sprak verdachte vrij van het feit van vernieling, maar veroordeelde hem voor mishandeling.
Verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis, maar de Hoge Raad overwoog dat op grond van artikel 404 lid 1 Sv Pro een verdachte niet-ontvankelijk is in hoger beroep voor een feit waarvoor hij in eerste aanleg is vrijgesproken. Dit betekent dat het hoger beroep alleen betrekking kon hebben op het mishandelingsfeit.
De Hoge Raad bevestigde dat de cumulatief tenlastegelegde feiten zo met elkaar verbonden waren dat zij niet als afzonderlijke feiten in hoger beroep konden worden behandeld. Het hof had daarom terecht aangenomen dat het hoger beroep zich uitstrekte over de gehele tenlastelegging, ondanks de vrijspraak voor vernieling. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk in hoger beroep voor het vrijgesproken feit; cassatieberoep wordt verworpen.