ECLI:NL:PHR:2005:AT3490
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toewijzing betaling restant aanneemsom na ontbinding overeenkomst wegens wanprestatie
In deze zaak stond centraal de vraag of Stichting Praktijkopleiding Bouw Land van Cuijk en Noord-Limburg (SPOB) gehouden is tot betaling van het restant van de aanneemsom aan eiseres na ontbinding van de overeenkomst wegens wanprestatie.
SPOB had de overeenkomst met eiseres ontbonden wegens ondeugdelijke levering en montage van gevelbeplating, en vorderde schadevergoeding ter hoogte van herstelkosten. Eiseres vorderde in reconventie betaling van het onbetaalde deel van de aanneemsom. De rechtbank wees de vordering van eiseres af, omdat SPOB niet zou zijn gebaat bij de prestaties waarvoor dit bedrag was gefactureerd.
Het hof bevestigde deze afwijzing, stellende dat SPOB niet gebaat was bij de ondeugdelijke prestaties en daarom niet hoefde te betalen. De Hoge Raad vernietigt dit arrest en oordeelt dat SPOB wel gebaat is bij het bedrag van de restant aanneemsom, omdat betaling daarvan SPOB in staat stelt de herstelkosten te vergoeden en zo het positieve contractbelang te verkrijgen. De zaak wordt afgedaan met toewijzing van de reconventionele vordering van eiseres tot betaling van € 13.032,29 met wettelijke rente.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de reconventionele vordering van eiseres tot betaling van de restant aanneemsom toe.