ECLI:NL:PHR:2005:AT6373
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens toerekenbare tekortkoming en weigering schone lei
De rechtbank Zwolle sprak op 15 januari 2002 de definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van verzoeker, met benoeming van een rechter-commissaris en bewindvoerder. Op 21 augustus 2003 stelde de rechtbank het saneringsplan vast en bepaalde de termijn van toepassing tot 15 januari 2004. Na bezwaar van de Belastingdienst tegen voortzetting en verlening van de schone lei, beëindigde de rechtbank op 12 juli 2004 de schuldsaneringsregeling wegens toerekenbare tekortkomingen van verzoeker, waarna verzoeker in hoger beroep ging.
Het gerechtshof Arnhem vernietigde het vonnis van de rechtbank en stelde vast dat verzoeker toerekenbaar tekortgeschoten was in de nakoming van schuldsaneringsverplichtingen. Het hof oordeelde dat deze tekortkomingen niet van geringe betekenis waren en weigerde de schone lei. Verzoeker kwam tegen dit arrest in cassatie met vijf onderdelen.
De Hoge Raad verwierp de klachten dat het hof zich buiten de aangevoerde grieven had begeven en dat het niet vrij stond de grondslag van de rechtbank te verlaten. Ook het oordeel over de werkzaamheden van verzoeker in het bedrijf van zijn vader werd bevestigd. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee het oordeel van het hof dat de schuldsaneringsregeling moet eindigen en de schone lei geweigerd wordt.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de schuldsaneringsregeling wordt beëindigd en de schone lei wordt geweigerd wegens toerekenbare tekortkomingen.