ECLI:NL:PHR:2005:AU4123
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over draagkracht en alimentatie na echtscheiding bij onbegrijpelijke motivering hof
Partijen zijn na echtscheiding in geschil geraakt over de vaststelling van kinderalimentatie en partneralimentatie. De man betwistte de draagkracht die het hof aan hem toekende, met name over de autokosten die hij maakt voor de omgangsregeling met de kinderen. Het hof had deze kosten buiten beschouwing gelaten omdat de auto door de werkgever ter beschikking werd gesteld en onvoldoende was onderbouwd dat de man daadwerkelijk kosten maakte.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onbegrijpelijk heeft geoordeeld over de autokosten, aangezien de man duidelijk heeft gesteld dat de kosten van brandstof en tolwegen verband houden met de omgangsregeling en niet met zijn werk. Deze kosten zijn redelijk en niet betwist door de vrouw. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest en verwijst de zaak terug.
Daarnaast bevestigt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de moeder, gezien haar leeftijd en werkervaring, redelijkerwijs arbeid kan verrichten om in haar levensonderhoud te voorzien, zodat zij geen partneralimentatie behoeft. Het incidentele cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen.
De zaak betreft complexe vragen over draagkracht, kosten van omgangsregeling en de motivering van het hof, waarbij de Hoge Raad het belang van een duidelijke en begrijpelijke motivering benadrukt.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe beoordeling met inachtneming van de juiste motivering over autokosten; het incidentele cassatieberoep wordt verworpen.