ECLI:NL:PHR:2006:AU9380
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vonnis medeplegen vuurwapenbezit en verwijst terug
In deze Antilliaanse strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van poging tot diefstal met geweld en medeplegen van het voorhanden hebben van vuurwapens. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie had verdachte veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Verdachte stelde cassatie in tegen het vonnis.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte en zijn mededaders het plan hadden opgevat om met vuurwapens een beroving te plegen. Zij hadden een appartement betrokken onder het appartement van de te beroven personen, waar diverse vuurwapens lagen. Toen de bewoners onverwacht terugkeerden, ontstond een schietpartij.
De Hoge Raad stelde vast dat verdachte bewust en nauw had samengewerkt met zijn mededaders, zodat sprake was van medeplegen van het voorhanden hebben van vuurwapens. Echter, ten aanzien van het tweede feit (medeplegen van overtreding van de Vuurwapenverordening) was onvoldoende gebleken dat verdachte feitelijke heerschappij over de vuurwapens had of zelf een vuurwapen hanteerde. Het enkele besef van aanwezigheid van wapens is onvoldoende voor medeplegen.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het vonnis voor zover het betreft het tweede feit en de strafoplegging, en verwees de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba voor nieuwe berechting en afdoening.
Uitkomst: Het vonnis is gedeeltelijk vernietigd en de zaak is terugverwezen voor nieuwe berechting.