ECLI:NL:PHR:2006:AV4010
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens overschrijding termijn bij gemachtigde raadsman
Deze zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem, waarin verzoeker is veroordeeld voor diefstal gevolgd door bedreiging met geweld. Het cassatieberoep is ingesteld op 11 januari 2005, terwijl de termijn voor het instellen van cassatie op 10 januari 2005 eindigde.
Hoewel verzoeker zich ter terechtzitting van 13 december 2004 heeft laten verdedigen door een gemachtigde raadsman, is het beroep te laat ingediend. De Hoge Raad overweegt dat de termijn van veertien dagen strikt geldt en dat de laatste dag geen algemeen erkende feestdag was, zodat de termijn niet kon worden verlengd.
De Procureur-Generaal merkt op dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard vanwege de overschrijding van de termijn. Een inhoudelijke beoordeling van het ingebrachte cassatiemiddel is niet aan de orde, omdat het beroep niet-ontvankelijk is.
Deze uitspraak bevestigt het belang van strikte naleving van termijnen bij cassatieprocedures, ook wanneer een gemachtigde raadsman optreedt.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.