ECLI:NL:PHR:2006:AV9446
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing Marokkaans echtscheidingsrecht bij duurzame ontwrichting huwelijk met Marokkaanse nationaliteit
De zaak betreft een echtscheidingsprocedure tussen een man en vrouw, beiden van Marokkaanse nationaliteit en woonachtig in Nederland. De man verzocht om echtscheiding wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk, waarbij de vraag speelde of Nederlands recht of het nieuwe Marokkaanse familierecht (Mudawwana) van toepassing was.
De rechtbank sprak de echtscheiding uit op basis van Nederlands recht, omdat het Marokkaanse recht volgens haar in strijd was met de Nederlandse openbare orde, mede vanwege de polygame situatie van de man. De vrouw ging hiertegen in hoger beroep. Het hof vernietigde de uitspraak en wees de echtscheiding toe op grond van het nieuwe Marokkaanse familierecht, dat sinds 5 februari 2004 van kracht is en geen overgangsrecht kent.
De vrouw stelde in cassatie dat het hof zijn motiveringsplicht had geschonden en dat de uitspraak in strijd was met de openbare orde, omdat zij in Marokko als gehuwd zou blijven gelden. De Hoge Raad verwierp deze klachten, oordeelde dat het hof voldoende had gemotiveerd en dat er geen sprake was van een ontoelaatbare verrassingsbeslissing. De vraag of de Nederlandse uitspraak in Marokko erkend kan worden, bleef onbesproken.
De Hoge Raad bevestigde daarmee de toepassing van het nieuwe Marokkaanse echtscheidingsrecht en verwierp het cassatieberoep van de vrouw.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen en de echtscheiding wordt uitgesproken op grond van het nieuwe Marokkaanse familierecht.