ECLI:NL:PHR:2006:AW2089
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over motiveringsplicht bij niet-verschijnen ter comparitie in civiele procedure
In deze civiele zaak vorderde de verweerder betaling van een bedrag wegens vervaardiging van een nieuw frame door hem als tandarts. De eiser voerde gemotiveerd verweer dat hij geen opdracht had gegeven en dat het frame niet passend was. De kantonrechter bepaalde een comparitie waarbij eiser, hoewel opgeroepen, niet verscheen. De kantonrechter concludeerde daarop dat het verweer was prijsgegeven en wees de vordering toe.
De eiser stelde cassatieberoep in tegen dit vonnis. De Hoge Raad oordeelde dat het enkel niet-verschijnen ter comparitie onvoldoende is om te concluderen dat het verweer is prijsgegeven zonder nadere motivering. De kantonrechter had onvoldoende inzicht gegeven in zijn beslissing, waardoor het vonnis niet voldeed aan de motiveringsplicht.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin vergelijkbare situaties aan de orde waren en benadrukt dat een dergelijke conclusie niet zonder meer mag worden getrokken. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekt tot vernietiging van het vonnis en verwijzing van de zaak naar een andere rechter.
Uitkomst: Het vonnis van de kantonrechter wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en de zaak wordt verwezen.