ECLI:NL:PHR:2006:AX9702
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bemiddelingsovereenkomst en betaling bemiddelingsvergoeding voor zandlevering project Saendelft
In deze zaak draait het om een geschil tussen Cete Inframanagement B.V. en Koop Tjuchem B.V. over de betaling van een bemiddelingsvergoeding voor de levering van zand aan het project Saendelft. Cete stelde dat zij recht had op een fee per geleverde kubieke meter zand op grond van een bemiddelingsovereenkomst. Koop Tjuchem betwistte dit en voerde onder meer bedrog en misbruik van omstandigheden aan.
De rechtbank wees de vordering van Cete af en verklaarde de overeenkomst nietig wegens strijd met de goede zeden, mede gelet op vermoedens van steekpenningen. De rechtbank veroordeelde Cete tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen. Het hof vernietigde dit vonnis voor zover het de reconventionele vordering betrof en wees deze af, waarbij het gezag van gewijsde van een eerdere procedure werd betrokken.
In hoger beroep wijzigde Cete haar grondslag door te stellen dat de vergoeding niet alleen voor bemiddeling was, maar ook voor technische werkzaamheden die zij voor Koop Tjuchem had verricht. Het hof oordeelde dat Cete bewijs moest leveren van deze werkzaamheden, wat volgens het hof niet voldoende was gebeurd. De Hoge Raad bevestigt dat het hof deze wijziging van grondslag terecht heeft vastgesteld en het bewijsoordeel niet onbegrijpelijk is. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Cete wordt verworpen en de vordering wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van verrichte werkzaamheden.