ECLI:NL:PHR:2006:AY6204
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest hof inzake faillietverklaring wegens subrogatie vorderingen
Freudenberg c.s. dienden een verzoek tot faillietverklaring in van Hesco c.s. wegens onbetaalde vorderingen. De rechtbank verklaarde Hesco c.s. failliet op basis van een summier vastgesteld vorderingsrecht en betalingsonmacht.
Hesco c.s. gingen in hoger beroep en stelden dat de vorderingen waarop het faillissementsverzoek was gebaseerd, waren gesubrogeerd aan de kredietverzekeraar Atradius, waardoor Freudenberg c.s. niet ontvankelijk waren in hun verzoek. Het hof verwierp dit standpunt, omdat Hesco c.s. hun stellingen onvoldoende hadden onderbouwd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte ambtshalve de ontvankelijkheid van Freudenberg c.s. heeft onderzocht terwijl de stelling van subrogatie feitelijk was erkend door Freudenberg c.s. De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst het faillissementsverzoek af, omdat Freudenberg c.s. geen vorderingsrechten meer hadden.
Hiermee wordt bevestigd dat bij betwisting van de feitelijke grondslag van het verzoek de rechter de feiten als vaststaand moet beschouwen indien deze niet voldoende worden betwist, en dat het hof dit niet correct heeft toegepast.
Uitkomst: Het faillissementsverzoek van Freudenberg c.s. wordt afgewezen wegens subrogatie van Atradius in de vorderingen.