ECLI:NL:PHR:2006:AY9214
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omvang onderzoek en strafoplegging na terugwijzing door Hoge Raad
Na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad heeft het Gerechtshof te 's-Gravenhage de strafoplegging opnieuw vastgesteld op dertig maanden gevangenisstraf, waarvan tien maanden voorwaardelijk. De verdediging stelde dat het hof ten onrechte niet had beraadslaagd over het onderzoek in eerste aanleg, maar de Hoge Raad oordeelde dat dit niet tot nietigheid leidt tenzij verdachte daardoor is geschaad, wat niet was gesteld of gebleken.
Daarnaast werd geklaagd over de strafmotivering, met name dat het hof rekening had gehouden met het verstoppen van het babylijkje, wat mogelijk een zelfstandig strafbaar feit oplevert dat niet ten laste was gelegd. De Hoge Raad stelde dat het hof deze omstandigheid mocht meewegen als nadere uitwerking van de omstandigheden waaronder de bewezenverklaarde feiten waren begaan, zonder dat dit betekent dat het hof een apart strafbaar feit heeft meegewogen.
De Hoge Raad verwierp de middelen en bevestigde dat het hof de straf passend had gemotiveerd, waarbij het meewogen van de omstandigheid dat de verdachte en mededader het lijkje verborgen om verlies van zeggenschap over hun kinderen te voorkomen, toelaatbaar was. De conclusie van de Procureur-Generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep.
Uitkomst: Hoge Raad verwierp cassatieberoep en bevestigde strafoplegging van 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 10 maanden voorwaardelijk.