ECLI:NL:PHR:2006:AY9228
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Machtiging voortgezet verblijf psychiatrisch ziekenhuis onrechtmatig verleend wegens niet-objectieve medische verklaring
Betrokkene verbleef op grond van een rechterlijke machtiging in een psychiatrisch ziekenhuis. De officier van justitie verzocht om verlenging van deze machtiging met een geneeskundige verklaring die was ondertekend door een plv. geneesheer-directeur en een psychiater die niet bij de behandeling betrokken was. Tijdens de zitting stelde betrokkene dat de verklaring niet voldeed aan de wettelijke eisen, omdat de behandelend psychiater voorafgaand aan het onderzoek de verklaring grotendeels had ingevuld, waardoor de onafhankelijke psychiater slechts accordeerde.
De rechtbank verleende desalniettemin de machtiging, met de overweging dat maatschappelijke belangen een afwijzing onaanvaardbaar maakten, en beperkte de termijn om herstel mogelijk te maken. De Hoge Raad oordeelde dat de wet geen ruimte biedt voor een machtiging zonder een geldige, onafhankelijke geneeskundige verklaring. De praktijk waarbij de onafhankelijke psychiater een vooraf ingevulde verklaring overneemt, is strijdig met de wet.
De Hoge Raad benadrukte dat het psychiatrisch onderzoek persoonlijk en onafhankelijk moet zijn, uitgevoerd door een psychiater die niet bij de behandeling betrokken is, en dat overleg met de behandelaar slechts mogelijk is zonder beïnvloeding. Het ontbreken van een juiste verklaring sluit toewijzing uit, ook al kan het verzoek ontvankelijk zijn. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beoordeling met een correcte verklaring.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de machtiging tot voortgezet verblijf wegens het ontbreken van een onafhankelijke en objectieve geneeskundige verklaring en verwijst de zaak terug naar de rechtbank.