ECLI:NL:PHR:2007:AZ2527
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens gedenatureerde getuigenverklaring en terugwijzing voor mishandeling
Op 14 juni 2004 mishandelde verdachte zijn neef door hem krachtig met een geschoeide voet tegen de rechterarm te schoppen, waardoor het slachtoffer letsel en pijn opliep. Het hof had verdachte veroordeeld en de vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding van €150 toegewezen.
In cassatie klaagt verdachte dat het hof de verklaring van een getuige tegenover de rechter-commissaris onjuist heeft geïnterpreteerd, namelijk dat de getuige aanvankelijk verklaarde dat verdachte het slachtoffer raakte, maar later aangaf niet zeker te zijn of het slachtoffer daadwerkelijk geraakt werd. De Hoge Raad oordeelt dat het hof de verklaring heeft gedenatureerd door de latere onzekerheid van de getuige te negeren zonder duidelijke motivering.
Hoewel overige bewijsmiddelen de bewezenverklaring kunnen dragen, acht de Hoge Raad het aannemelijk dat het hof zwaar op de getuigenverklaring heeft geleund. Daarom wordt het arrest vernietigd en wordt de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling. Ook de vordering tot schadevergoeding wordt in verband hiermee opnieuw beoordeeld.
Verder wordt geoordeeld dat het verweer dat het minderjarige slachtoffer zich onrechtmatig zelf heeft gevoegd in hoger beroep niet in cassatie kan worden behandeld omdat het een feitelijke beoordeling vergt. De Hoge Raad sluit af met de instructie dat het voegingsformulier beter kan worden aangepast om de wettelijke vertegenwoordiger expliciet te vermelden.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens gedenatureerde getuigenverklaring en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.