17. Het proces-verbaal van de terechtzitting van 8 juni 2005 houdt onder meer in dat de voorzitter de korte inhoud heeft medegedeeld van de stukken betreffende het verhoor van de getuige [getuige 1] door de Rechter-Commissaris te Willemstad (Curaçao), dat de Advocaat-Gereraal bij het Hof zijn requisitoir heeft gehouden en de verdediging haar pleidooi.
De in voormelde stukken neergelegde verklaring van [getuige 1] houdt, voorzover voor de beoordeling van belang, het volgende in:
"Mijn naam is [getuige 1], geboren op [geboortedatum] 1958, wonende te [adres] te [woonplaats], thans tuinman van beroep.
Ik was getrouwd met een schoonzuster van [betrokkene]. Ik heb hem leren kennen in of omstreeks 1984. Een paar maanden daarna heb ik gevraagd of hij werk voor mij had. Ik heb toen werk van hem gekregen. Ik ben dingen voor hem gaan doen. Ik ging bijvoorbeeld geld ophalen in Engeland en hasj laden in Spanje. Omdat ik Spaans spreek was dat gemakkelijk. Ik kreeg hier ook geld voor van [betrokkene]. Ik verdiende heel goed bij hem.
U houdt mij voor dat zich in het dossier verklaringen bevinden van personen die ook spreken over hasj handel door mij. U houdt mij voor dat ik geen antwoord hoef te geven op vragen indien ik mij zelf daarmee kan belasten.
Ik zal gewoon de waarheid spreken. Voor wat ik gedaan heb ben ik in Spanje veroordeeld. Vanaf 1984 ongeveer ben ik dus dingen voor [betrokkene] gaan doen. Ik heb constant voor hem gewerkt. Dat heeft geduurd tot eind 1991. Ik ben namelijk op 13 mei 1992 zelf aangehouden. Ik denk dat ik tot 6 maanden daarvoor voor [betrokkene] heb gewerkt. [betrokkene] vertelde mij toen dat hij onder observatie stond en een jaartje ging stoppen. Omdat ik inmiddels goede contacten had in Spanje ben ik toen voor mijzelf verder gegaan met de hasj. Daar heeft [betrokkene] dus niets mee te maken. Ik ben toen gaan samenwerken met mij broer [M], [getuige 3] en een jongen genaamd [N], een Friese jongen. Ik heb in Spanje een gevangenisstraf van 11 jaar gekregen. Dat was niet alleen voor een feit dat ik in Spanje heb gepleegd, nadat ik niet meer voor [betrokkene] werkte, maar dat was ook voor alles wat ik in Spanje voor Nederland had geladen. Dat heb ik te danken aan officier van justitie Valente. Hij heeft mij gevraagd om de naam van de grote vis te geven. Hij heeft gezegd dat als ik de naam van [betrokkene] noem, dat hij voor mij geen interesse heeft. Omdat ik dat niet heb gedaan heeft Valente allemaal stukken aan Spanje gegeven waardoor ik tot 11 jaar ben veroordeeld.
U vraagt of mijn veroordeling dus ook betrekking heeft op feiten waar [betrokkene] bij betrokken was.
Ja. Zo heeft Valente het tenminste tegen mij gezegd.
Samengevat zou ik dus iets kunnen zeggen over de financiën van [betrokkene] over de periode van ongeveer 1984 tot 6 maanden voor 13 mei 1992. In die periode heb ik mij bezig gehouden met hasj in opdracht van [betrokkene]. Ik kreeg daar ook voor betaald.
Op vragen van mr. K.A. Krikke:
Mij is inderdaad eerder gevraagd een verklaring af te leggen tegen [betrokkene]. Valente is wel 6 keer bij mij geweest. Het is juist dat ook mr. Doedens heeft gevraagd of ik een getuigenverklaring wilde af leggen. Ik heb nooit eerder een verklaring afgelegd omdat ik niemand wilde belasten. Ik wilde ook mezelf niet belasten.
Valente heeft mij concrete toezeggingen gedaan. Hij heeft gezegd dat ik naar Nederland kon komen en dat ik vrij kon komen als ik een verklaring tegen [betrokkene] af zou leggen. Ik heb het niet gedaan omdat ik op dat moment in Spanje niet vast zat voor een zaak waar [betrokkene] bij betrokken was.
De raadsman vraagt of ik nog weet wanneer [betrokkene] aan zijn enkel gewond is geraakt. Ik kan mij dat nog goed herinneren omdat ik toen voor het eerst zelf een partij van 6000 kilo had gevonden. Die partij heb ik, na overleg met [betrokkene], met zijn geld gekocht. De leverancier was [O]. Het was op vrijdag 13 januari 1989 dat [betrokkene] aan zijn enkel gewond raakte.
U houdt mij voor dat het u verbaast dat ik deze datum nog zo goed weet. Met name omdat ik pas gisteren de oproep voor deze zitting heb gekregen.
Meneer, het was een droom. Het was mijn eerste eigen partij. Volgens mij ben ik in Spanje ook voor die partij veroordeeld.
Deze partij van 6 duizend kilo is in Nederland terechtgekomen op verschillende plaatsen. Een deel is terechtgekomen bij [P] in een winkeltje met witte ramen. Daar stond het meeste. Ik denk 5 a 6 duizend kilo.
U houdt mij voor dat de partij toch maar 6 duizend kilo groot was.
Ja, maar er kwamen zeker 3 partijen van 2 tot 4 duizend kilo hasj per week naar Nederland.
Een deel van die partijen lag ook bij ome Thijs. Ik weet in ieder geval zeker dat een groot deel van die partij van 6 duizend kilo naar [P] is gegaan.
Ik had voor die partij van 6 duizend kilo, 5 honderd gulden per kilo betaald, althans een voorschot. De partij is door [getuige 6] en [Q] daar weg gehaald en verkocht voor gemiddeld 2000 a 2100 gulden per kilo.
U vraagt hoe ik dat weet.
Ik zit zelf in die handel toch? Nadat [betrokkene] uit het ziekenhuis was zat ik met hem, [getuige 2], [getuige 6], [Q] en nog een paar mensen, aan tafel. We hebben toen eerlijk gepraat hierover. Daar kwam toen ter sprake dat de partij gemiddeld 2000 a 2100 gulden per kilo had opgebracht. Daarom kregen we allemaal een bonus. Ik kreeg ongeveer 250 duizend gulden bonus, naast mijn gewone geld van 10 duizend gulden per maand.
U vraagt of ik eigenlijk nog contact heb gehad met [betrokkene].
Ik heb hem in oktober 2004 voor het laatst gesproken. Ik had hem toen al jaren niet gesproken. Hij heeft mij toen inderdaad ook gevraagd of ik een getuigenverklaring wil afleggen. Hij had dat nooit eerde gevraagd. Ik heb gezegd dat ik dat wel wilde maar dat ik niet naar Nederland wilde komen.
De raadsman vraagt wat er met de resterende opbrengst (winst) van de partij van 6 duizend kilo is gebeurd.
Dat geld is naar [betrokkene] gegaan. Het was denk ik een paar miljoen gulden, meer nauwkeurig weet ik dat niet. Hij verdiende altijd erg veel geld. Ik weet alleen niet precies hoeveel geld hij aan de andere personen betaalde. Ook stuurde hij geregeld partijen door naar Engeland, maar dat gold niet voor deze partij van 6 duizend kilo. Voor de blessure aan zijn enkel stuurde hij regelmatig hasj door naar Engeland. Daarna bijna niet meer.
De officier van justitie vraagt of ik weet wanneer [betrokkene] uit het ziekenhuis is gekomen.
Ik weet dat niet precies, ik denk dat hij 4 a 5 maanden heeft gezeten en toen kreeg hij verlof.
Toen zijn we weer een beetje begonnen met de handel. Ik denk dat het ongeveer juni 1989 was.
De raadsman vraagt of hij goed heeft begrepen dat de import van hasj tussen januari en juni 1989 stil lag.
Ja.
Ik heb [betrokkene] door buren en familie leren kennen. Hij had altijd een dure auto en het beste van het beste. Daar wil je toch graag bij horen (?). Ik had geen werk en heb hem steeds om werk gevraagd. Hij vroeg of ik voor hem naar Engeland wilde gaan om geld op te halen. Ik heb dat gedaan. Ik ben dat steeds vaker gaan doen. Het ging gemiddeld om 300 a 400 duizend pond per keer. Ik had nog nooit zoveel geld gezien. Wij deden er soms dagen over om het geld te sorteren. In het begin ging ik 1 keer per week naar Engeland, maar daarna ging ik vaker. Op een gegeven moment nam ik ook andere mensen mee die het geld bij zich droegen. Ik heb ook wel eens dit werk door anderen voor mij laten doen.
De 3 jaren voordat [betrokkene] in het ziekenhuis terechtkwam ging ik heel vaak. Soms bleef ik ook een weekje in Engeland en dan gaf ik het geld weer aan anderen om het naar Nederland te brengen. In die 3 jaren heb ik het zo vaak gedaan dat ik echt niet meer precies weet, hoe vaak. Ik heb voor dit werk ook anderen geronseld, o.a. [R], een vrouw uit [plaats B] en [S]. Ook nog 3 tramchauffeurs uit Almere. Soms ging ik met ze mee soms ook niet. We gingen zeker 3 of 4 keer per week. We bleven even vaak gaan gedurende die 3 jaren. Gemiddeld namen we 3 a 5 honderd duizend pond mee naar Nederland. Als anderen dat deden dan leverden ze dat geld bij mij in.
Ik bracht het geld naar [betrokkene]. We zaten met de vaste ploeg aan tafel. Ik bedoel: [getuige 6], mijn broer, [betrokkene], [getuige 4] en ik. We telden het geld en daarna werd het gewisseld. Eerst wisselden we bij een Egyptenaar tegenover [A] bij de Dam. Daarna bij de NMB in de Amstelstraat en later in de Bijlmermeer. Ook wisselden we het bij het grenswisselkantoor van het C.S te Amsterdam.
U vraagt of ik voor deze feiten ooit ben veroordeeld in Nederland?
Nee, maar wel in Spanje.
Omdat het geld dat wij terugkregen van de Egyptenaar niet klopte, zijn we naar de NMB gegaan. We kregen contact met ene [K] die daar werkte, aan de Amstelstraat. Daarna is hij naar de Bijlmermeer gegaan. Bij hem was het altijd correct. We brachten het geld en een dag daarna konden we het Nederlandse geld ophalen. Ik wist precies hoeveel geld er naar toe werd gebracht.
Ik denk dat er in die 3 jaren zeker voor 40 a 60 miljoen gulden is gewisseld.
In die 3 jaren ben ik steeds minder geld gaan ophalen uit Engeland omdat ik voor [betrokkene] dingen in Spanje deed. In eerste instantie transporteerde [betrokkene] hasj voor Hilversumse Marokkanen van Spanje naar Nederland. In opdracht van [betrokkene] laadde ik de hasj. Later is [betrokkene] ook zelf partijen hasj gaan kopen in Spanje. Ook die partijen werden door mij geladen.
Ik denk dat in het eerste jaar, 1985, [betrokkene] vooral het transport van de hasj regelde. Daarna ging hij ook zelf partijen kopen. Mijn rol bleef eigenlijk hetzelfde. Ik laadde, onderhandelde en keek toe of de lading klopte. Ik ging wel steeds meer verdienen.
Als [betrokkene] als transporteur optrad verdiende hij denk ik 100 tot 150 duizend gulden per wagen. In het begin ging het maar om 400 tot 600 kilo per wagen, maar het werd steeds meer.
Toen hij zelf ging kopen, ging er bijvoorbeeld een wagen van Spanje naar Nederland met daarin een lading hasj van de Marokkanen maar ook een lading van [betrokkene] zelf. [betrokkene] betaalde ongeveer 500 gulden per kilo hasj in Spanje. Wat [betrokkene] zelf kocht ging meestal door naar Engeland. We hebben 1 keer een transport naar Scandinavië geprobeerd, maar dat vond [betrokkene] te gevaarlijk. De voor 500 gulden per kilo gekochte hasj bracht in Engeland ongeveer 900 pond op. U moet dan wel rekening houden met de hoge koers in die tijd.
Na een jaar ongeveer is ook mijn broer [M] transporten voor [betrokkene] in Spanje gaan regelen. Ook mijn broer spreekt Spaans.
Ik betaalde de leveranciers in Spanje met geld dat ik van [betrokkene] kreeg. Soms reisde ik zelf met dat geld naar Spanje, soms werd het door meisjes gebracht. Door bijvoorbeeld de vrouw van één van de chauffeurs. De advocaat noemt de namen van [S] en [T]. Dat klopt.
De raadsman vraagt hoeveel transporten er in die 3 jaren door mij zijn geregeld. Heel veel. Ik kan dat echt niet meer zeggen. Ik denk wel 3 of 4 transporten per maand. Het ging dan om 2500 tot 4000 kilo per keer.
U houdt mij voor dat ik eerder heb verklaard dat het ging om ongeveer 3 transporten per week.
Ja, maar er waren wel eens omstandigheden waardoor het wat langer duurde. Per maand waren het zeker 4 wagens in de 3 jaren voordat [betrokkene] in het ziekenhuis terechtkwam.
In Nederland werden de transporten eerst georganiseerd door [getuige 2]. Hij was de rechterhand van [betrokkene]. Zijn echte naam is inderdaad [getuige 2]. Later werd het overgenomen dor [getuige 6]. Toen werd hij de rechterhand van [betrokkene]. Dat was eind 1988, begin 1989.
[U] en [V] waren chauffeurs. Het klopt dat zij zijn aangehouden in Figo voor een transport dat ik had georganiseerd. Daarna zijn ze voor [betrokkene] auto's gaan verbouwen omdat ze niet meer naar Spanje wilden.
Andere chauffeurs waren: [W], [X], [Y] en [Z].
Als [betrokkene] hasj van de Marokkanen kocht en weer verkocht verdiende hij gemiddeld 100 a 150 gulden per kilo. Hij kreeg meestal betaald in buitenlandse valuta. Vaak in ponden maar bijvoorbeeld ook in Marken.
Het is juist dat ik voor [betrokkene] ook partijen hasj mengde. We mengden dan goede kwaliteit hasj met slechte kwaliteit hasj en verkochten het voor de prijs van goede hasj. We deden dat vaak. We deden dat in verschillende loodsen. Je verdient daar goed mee. Die hasj ging altijd naar Engeland.
We mengden 1 kilo goede hasj (inkoop 3200 gulden) met 1 kilo slechte hasj (inkoop 500 gulden) en verkochten het voor 900 pond per kilo. Ik denk dat wij in 3 jaar ongeveer 3 a 4 duizend kilo hasj hebben gemengd en verkocht.
De raadsman houdt mij voor dat [betrokkene] volgens justitie op 1 maart 1989 geen vermogen had.
Dat geloof ik niet. Ik werkte toch zelf voor hem. Ik heb u uitgelegd hoeveel geld wij verdienden. Van 1985 tot dat hij zijn been brak heeft hij veel geld verdiend.
U vraagt waarom hij daarna niet meer veel geld heeft verdiend.
Hij was toen al een beetje bang en hij wilde op een andere manier, rechtstreeks uit Marokko, de hasj gaan halen. Ik weet niet waarom. Hij ging zich toen meer richten op de invoer van auto's, op projecten en het vervoer vanuit Marokko. Ik bedoel inderdaad het ombouwen van vrachtwagens. Met projecten bedoel ik dat hij onderzocht hoe hij rechtstreeks uit Marokko hasj kon importeren. Hij keek bijvoorbeeld of hij een bedrijfje kon opzetten en of hij daar mensen kon omkopen.
De raadsman houdt mij voor dat [betrokkene] zelf heeft verklaard over vermogen eind 1988 en begin 1989. De raadsman vraagt mijn reactie.
2 koffertjes met 10 miljoen gulden die zouden zijn weggezet.
Dat zou best kunnen, ik weet dat hij af en toe geld wegzette. Ik heb hierover wel gehoord in een gesprek dat hij had met [...]. Ik denk dat [...], [getuige 2] en [getuige 6] hier iets meer over zouden kunnen zeggen.
4 miljoen om transporten te financieren.
Dat kan. Hij financierde alle transporten. Hoeveel geld hij daarvoor in voorraad had, dat weet ik niet.
Geld bij zijn moeder op zolder.
Ik heb dat wel gehoord, iets van 10 miljoen gulden, maar daarover kan ik ook niet meer zeggen.
Bankrekeningen.
Ik weet niet of hij bankrekeningen had.
In mei 1989 gekochte woning.
De advocaat vraagt of ik weet waar die woning van is betaald.
Ik neem aan van de opbrengst uit hasj handel.
De raadsman vraagt of ik weet of [betrokkene] nog aanzienlijke aankopen heeft gedaan in de periode vanaf het breken van zijn been tot het begin van zijn revalidatie.
Volgens mij 2 grote boten, waarvan ik foto's heb gezien, en een Ferrari. Ik dacht dat ik hoorde dat de boten 1 miljoen dollar per stuk kostte en de Ferrari iets van 300 duizend gulden.
De raadsman vraagt wanneer [betrokkene] is begonnen met de autohandel.
Hij deed altijd al wat in auto's. Na zijn revalidatie begon hij dure auto's op te kopen. Hij had toen ook een grote prijs gewonnen met een race.
De raadsman houdt mij voor dat uit een tapgesprek van 24 december 1988 zou blijken dat hij zich toen bezighield met de auto handel. De raadsman vraagt of dit volgens mij klopt. Ja.
De raadsman vraagt of ik weet waarvan [betrokkene] de handelsvoorraad voor [B] heeft aangeschaft.
Nee. Ik bemoei me niet zo met auto's
De raadman vraag wanneer [betrokkene] voor het eerst in het groot is begonnen met de handel in auto's.
Na het breken van zijn been.
De raadsman vraagt of er tussen januari 1989 en juni 1989 nog iets met auto's werd gedaan. Ja, hij deed iets met auto's, maar daarna had hij echt een bedrijf.
De raadsman houdt mij voor stukken die zijn aangetroffen bij een huiszoeking aan de [f-straat 1] in [plaats B] op 13 januari 1989.
Op pagina C5 - ev. herken ik het handschrift van [betrokkene]. Dit is administratie van hasjhandel. Ik wist dat hij dit bijhield.
De raadsman vraagt of ik weet over welke periode dit gaat.
1988, want dat zie ik staan.
Op pagina B 15-24 herken ik mijn handschrift. Dit is de administratie van transporten, leveranciers en plaatsen waar de hasj is opgeslagen. Ik hield zelf bij wat ik ophaalde en wegbracht.
Op pagina B 15-22 staat mijn handschrift niet.
Op pagina E 82 tot E 91 zie ik zogenaamde wissel-bonnetjes van ponden in guldens, ik heb eerder verklaard hierover. De naam van [getuige 2] staat erboven omdat hij het gewisseld of opgehaald heeft.
De raadsman houdt mij voor dat een vriendin van [betrokkene] heeft verklaard dat zij in Luxemburg op een rekening geld heeft staan van [betrokkene].
Ik heb daar wel over gehoord. Ik heb dat van horen zeggen.
De raadsman noemt de naam van [AA].
Dat klopt. Zij scharrelde een beetje met [betrokkene]
Ik hoor de raadsman nu zeggen dat [AA] zou hebben verklaard dat [BB] ongeveer 1,5 miljoen gulden op een Luxemburgse bankrekening heeft staan van [betrokkene].
Zij scharrelde ook een beetje met [betrokkene].
[BB] regelde in het begin ook wel transporten voor zijn broer, maar hij is daama voor zichzelf begonnen. Volgens mij deed hij dat in begin 1986 voor zijn broer en in de loop van 1986 is hij voor zichzelf begonnen.
De raadsman vraagt of [CC] voor [BB] of voor [betrokkene] werkte.
Ik denk voor [BB] want die naam zegt mij niets.
De naam [DD] herinner ik mij wel, maar niet precies waarvan. De raadsman zegt dat hij een chauffeur zou zijn geweest. Dat klopt, maar hij reed alleen lege wagens naar Spanje. Volgens mij is hij in Marokko gepakt.
Ik hoor dat de advocaat verder vragen wil stellen over de periode na 1 maart 1989.
Ik denk dat ik ongeveer 7 maanden na de beenbreuk voor het eerst weer betrokken was bij een transport van hasj van Spanje naar Nederland voor [betrokkene]. Totdat ik stopte (zoals gezegd ongeveer een halfjaar voor 13 mei 1992) zijn er nog maar 5 a 6 transporten geweest van Spanje naar Nederland. Ik was denk ik zelf bij 2 of 3 transporten betrokken. Soms dacht [betrokkene] wel dat ik er nog wat mee te maken had, maar ik liet soms ook wel iets door mijn broer doen.
De hasj voor deze 5 a 6 transporten was steeds van de Marokkanen uit Hilversum. [betrokkene] trad hier weer op als transporteur van hasj. Verder hielden wij ons eigenlijk meer bezig met de hasj handel in Nederland. Ik denk dat [betrokkene] 300 a 400 gulden per kilo kreeg voor die 5 a 6 transporten. Daarvan ging ook een deel naar [Z]. Zij waren partners.
De raadsman vraagt of zij een gelijk deel kregen.
Volgens mij wel.
De hasj werd verstopt in kopschotten of plafond. Ik denk dat we ongeveer 2000 kilo meenamen.
De raadsman zegt dat het volgens [betrokkene] nog maar ging om 4 transporten en in totaal 5100 kilo hasj.
Dat kan kloppen. Ik was zelf bij 2 transporten van 1000 kilo betrokken.
U vraagt mij waarom ik net sprak over transporten van 2000 kilo per keer.
Dat zei ik omdat er 1700 tot 2000 kilo in de bergplaats kon. Mijn broer zei altijd alleen maar dat het gelukt was. Hij zei nooit hoeveel hij had meegenomen.
De raadsman vraagt welke kosten moesten worden gemaakt voor deze 5 a 6 transporten. Mijn kosten, de kosten van chauffeurs, de lossers, de wagens, de loodsen, maar bijvoorbeeld ook de mensen die het afval moesten weggooien.
[betrokkene] gaf altijd alle betrokkenen 10.000 gulden mee voor kosten. Je moest dan bonnetjes bewaren. Ik denk dat mijn kosten per transport ongeveer 10000 gulden waren. Ik denk dat dat gemiddeld ook voor de andere jongens gold.
De raadsman vraagt of er naast [betrokkene] en [Z] nog anderen moesten delen in de winst van 300 400 gulden per kilo.
Volgens mij niet.
De raadsman stelt mij nu een aantal vragen over transporten rechtstreeks van Marokko naar Nederland.
Ik denk dat dit in 1990 voor de eerste keer is gebeurd. Dat had mijn broer geregeld. Het is wel juist dat daarvoor a! 5 of 6 proeftransporten zijn gedaan. Ook die werden door mijn broer en [getuige 3] geregeld. Ik kan eigenlijk over die transporten niet zoveel zeggen omdat ik er niet bij betrokken was. Ik heb het meeste gehoord van mijn broer.
Na het eerste transport is het tweede transport niet doorgegaan. Daarna zijn er nog wel 10 a 20 ritten geweest "om de route open te houden". Dat weet ik uit eigen ervaring want ik was betrokken bij het beladen van de auto's in Nederland. Wij deden er dan bijvoorbeeld zand in, in plaats van hasj en daarnaast een gewone lading.
[EE] en [getuige 3] deden de organisatie in Marokko. In Nederland werd dit gedaan door een Turk. Nogmaals, ik weet er niet zoveel van, ik hield me voornamelijk bezig met het rijden van de hasj in Nederland.
[betrokkene] vond het niet zo erg om "de route open te houden". Hij zag het als een investering en zei dat het wel goed kwam.
Ik weet niet precies wie de chauffeurs waren. Ik weet wel dat [getuige 5] de transporten verzorgde.
De naam [FF] zegt mij inderdaad iets. Dat is een bedrijf dat een aantal proefritten deed nadat [betrokkene] ruzie had gekregen met [getuige 5]. [X] reed op 1 van de auto's van [FF].
Het is juist dat, om de route open de houden, er vracht mee moet. Ik weet van [betrokkene] dat zo'n rit 60 a 70 duizend gulden kostte.
Volgens mij waren er problemen met deze transporten uit Marokko omdat de omgekochte douane ambtenaar niet meer kon regelen wat er geregeld moest worden.
Bij deze transporten zat de hasj onder het plafond.
Volgens mij hebben er in totaal 3 geslaagde transporten uit Marokko plaats gevonden.
De vrachtwagens werden geprepareerd door een man die ik ken als [...]. Ik weet niet wat hij daarmee verdiende maar ik denk dat hij meer kreeg dan ik.
Er kon 2000 tot 4000 kilo worden verborgen onder het plafond.
Ik denk dat de eerste keer het maximum is meegegaan, 3000 tot 3500 kilo. Ik denk dat de tweede en de derde keer ongeveer 2500 kilo is meegegaan. Ik weet eigenlijk niet meer zo goed hoe ik op deze getallen kom.
De hasj was steeds voor de helft van de Marokkanen uit Hilversum en voor de andere helft van [betrokkene]. [betrokkene] moest ons daar allemaal een deel van betalen. In die tijd kregen wij niet meer een vast bedrag per maand.
U vraagt mij waarom ik geld kreeg voor deze transporten alhoewel ik er niet bij betrokken was.
Ik werkte toch nog steeds voor hem. Ik reed de hasj in Nederland. Ik moet wel zeggen dat ik van het laatste transport volgens mij niets heb gekregen omdat [betrokkene] mij te lui vond.
Ik denk dat de inkoop prijs in die tijd lag tussen de 500 en de 650 gulden per kilo in Marokko. De hasj werd in Nederland verspreid aan de 'hasjkantoren". Dat is een soort groothandel voor de koffieshops. [betrokkene] had alleen te maken met de hasjkantoren.
Het is juist dat er in die tijd 2 trailers van [betrokkene] zijn gestolen. Ze stonden in [plaats C]. Ik weet dat zo een trailer 150 duizend gulden kost met daarnaast nog 30 duizend gulden voor het ombouwen.
De raadsman vraagt naar de opbrengst van de ladingen hasj vanuit Marokko.
Van het deel van de Marokkanen kreeg [betrokkene] ongeveer 150 gulden per kilo.
[betrokkene] verkochte plaatjes voor 2300 a 2400 gulden per kilo en de zeepjes voor 1850 a 2000 gulden per kilo.
Ik weet dat alleen [getuige 6] voor 300 a 400 kilo per transport zelf investeerde. Hij betaalde dat ook gewoon cash. Deze kilo's waren begrepen in het deel van [betrokkene].
[betrokkene] kreeg altijd de helft van de opbrengst van zijn eigen hasj. De andere helft werd verdeeld onder de mensen die aan het transport hadden meegedaan. Soms kreeg je wat meer en soms wat minder.
Het is juist dat er ook wel eens hasj werd gestolen. Je kan wel zeggen dat er per transport 100 a 150 kilo hasj "miste". Je kon nooit bewijzen dat het gestolen was.
De raadsman vraagt wat [M] en [GG] kregen per transport. Ik denk dat zij het dubbele van mij, 20000 gulden kregen en als de hasj was aangekomen, nog 150 kilo van de hasj.
Het is juist dat er ook wel vrachtwagens werden geleasd, maar die werden met toestemming van de eigenaar verbouwd.
De raadsman zegt dat zijn cliënt in 1991 is gestopt maar dat er anderen met de handel zijn doorgegaan.
Dat klopt. Ik was 1 van die personen. Verder mijn broer, [N] en [GG]. Ik heb gehoord dat ook [getuige 5] is doorgegaan. [betrokkene] zei tegen mij dat hij het was rustiger aan ging doen omdat hij onder grote observatie lag en dat wij beter een jaartje niets konden doen.
Daarna heb ik met [M], [GG] en [N] 3 transporten van ieder 1200 kilo hasj gedaan. Toen ik het 4 transport (3000 kilo) deed, werd ik gepakt. Met deze transporten had [betrokkene] niets te maken.
De raadsman vraagt wat ik kan zeggen over de auto handel door [betrokkene].
Ik weet dat hij iets in Naarden Vesting had gekocht en toen ging hij auto's verkopen. Dat ging best wel goed. De administratie werd geregeld door [...]. Ik weet niet wat zijn achternaam is.
De naam [D] zegt mij niets. Ik was meer op straat bezig om de handel weg te rijden.
De hasj werd door de hasjkantoren in buitenlandse valuta betaald. Dat werd dan weer door ons gewisseld bij kantoortjes, ook wel in Belgie. Als [K] van de NMB niet werkte dan gingen we ergens anders naar toe. Ik, mijn broer en [...] wisselden geld.
De raadsman vraagt of 1 van de andere wel eens geld heeft gestopt in:"het raceteam"? Daar weet ik niets van.
[HH] had een hasjkantoor. We brachten veel van onze hasj naar haar.
De naam [II] zegt mij niets. Komt hij uit Venlo? Ik hoor de raadsman zeggen dat hij zou hebben bemiddeld in Marokko. Dat zegt mij niets.
De naam [JJ] komt mij wel bekend voor. Hij kan inderdaad we! een van de chauffeurs zijn geweest, maar ik weet niet precies bij welke transporten hij betrokken was.
De raadsman vraagt of [betrokkene] ook inkomsten had uit legale werkzaamheden, nadat hij zijn been had gebroken.
De autohandel.
De raadsman vraagt of ik weet over afspraken tussen Valente en andere betrokkenen? Ik heb van mijn zusters gehoord dat mijn broer alles wat in beslag was genomen heeft teruggekregen en nooit is vervo!gd. Ik weet niet wie die toezegging heeft gedaan. Van mensen uit de buurt hoorde ik dat [S] 80 duizend gulden heeft gekregen van justitie om een verklaring af te leggen.
De officier van justitie toont mij een stuk dat is getiteld: overzichtsverklaring [betrokkene] 9 april 2001 (17 pagina's) de officier van justitie vraagt of ik dit stuk we! eens heb gezien. Of dat de inhoud daarvan mij bekend is. De officier van justitie laat mij het stuk doorb!aderen. Ik ken dit stuk niet. Dit is ook niet met mij besproken."