ECLI:NL:PHR:2007:AZ4855
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw ontstaan van schulden
Verzoekers exploiteerden een vennootschap onder firma met een café en een media café/restaurant. In de periode 2000-2004 ontstonden aanzienlijke schulden, onder meer aan het UWV, Pensioenbedrijf en Belastingdienst, deels door het niet tijdig ontslaan van personeel en het niet voldoen van premies.
De rechtbank wees het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af wegens het niet te goeder trouw ontstaan van schulden. Het hof bekrachtigde dit oordeel, stellende dat verzoekers als ondernemers tekort zijn geschoten in hun zorgplicht en dat het aangaan van schulden niet verantwoord was.
Verzoekers stelden in cassatie dat het hof ten onrechte hun goede trouw niet had erkend en dat de beoordeling van hun handelen als ondernemers niet aan het hof toekwam. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de goede trouw-toets van artikel 288 lid 2 sub b Fw Pro ook geldt voor schulden uit ondernemingsactiviteiten.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat verzoekers niet te goeder trouw hebben gehandeld en dat er onvoldoende feiten waren om dit oordeel te weerleggen. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens niet te goeder trouw ontstaan van schulden.