ECLI:NL:PHR:2007:AZ7616
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens medewerking aan oneigenlijk gebruik tankpas door echtgenote
De zaak betreft een arbeidsgeschil tussen werknemer en werkgever Tetterode Nederland B.V. over het ontslag op staande voet. De werknemer werd ontslagen nadat was vastgesteld dat zijn echtgenote herhaaldelijk brandstof voor haar eigen auto had getankt met de tankpas die aan de werknemer was verstrekt voor zijn lease-auto. De werknemer betoogde dat hij hiervan niet op de hoogte was en dat zijn vrouw abusievelijk handelde.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de werknemer onvoldoende geloofwaardig was in zijn stellingen en dat hij wist of had behoren te weten van het oneigenlijk gebruik. Dit werd onderbouwd met tegenstrijdige verklaringen van de werknemer, het niet opgeven van kilometerstanden en onware opgaven over vervangende auto's. Het hof vond dat dit een dringende reden vormde voor ontslag op staande voet.
In cassatie stelde de werknemer dat voor fraude/diefstal opzet vereist is en dat hij niet daadwerkelijk wetenschap had van het misbruik door zijn vrouw. De Hoge Raad verwierp dit beroep, bevestigde het oordeel van het hof en stelde dat het voldoende was dat de werknemer dit had moeten weten. Het ontslag werd daarmee gegrond verklaard.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van de werknemer wegens medewerking aan het oneigenlijk gebruik van de tankpas door zijn echtgenote wordt bevestigd.