ECLI:NL:PHR:2007:AZ8745
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot kwijtschelding kinderalimentatie en betalingsachterstand
Deze zaak betreft een geschil tussen voormalige levenspartners over de wijziging van kinderalimentatie en kwijtschelding van een betalingsachterstand. De vader verzocht het Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen om de beschikking van 9 april 1998, waarin hij was veroordeeld tot betaling van kinderalimentatie, te wijzigen en de ontstane achterstand kwijt te schelden. Hij stelde dat de oorspronkelijke beschikking was gebaseerd op onjuiste of onvolledige gegevens en dat hij financieel niet in staat was de achterstand te voldoen.
Het Gerecht in Eerste Aanleg wees het verzoek af, waarna de vader in hoger beroep ging bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Dit hof bevestigde de afwijzing en oordeelde dat de vader onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de oorspronkelijke beschikking niet aan wettelijke maatstaven voldeed. Ook verwierp het hof het beroep op verjaring en op strijdigheid met de Nederlandse openbare orde.
De vader kwam vervolgens in cassatie bij de Hoge Raad met drie middelen. De Hoge Raad verwierp alle middelen: het hof had terecht geoordeeld dat rekening was gehouden met de omstandigheden van de vader bij de oorspronkelijke beschikking, het beroep op verjaring faalde wegens gebrek aan belang en de toetsing aan de Nederlandse openbare orde was niet aan de orde vanwege de rechtskracht van uitspraken binnen het Koninkrijk. De Hoge Raad bevestigde daarmee de eerdere beslissingen en verwierp het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de afwijzing van het verzoek tot kwijtschelding van de alimentatieachterstand.