ECLI:NL:PHR:2007:AZ9122
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Schending goed werkgeverschap door onvolledige informatie bij overgang onderneming Rabobank reizenafdeling
De werkneemster was sinds 1984 in dienst bij Rabobank en werkte als reismedewerkster. In 2003 besloot Rabobank de reisactiviteiten te beëindigen en deze te verkopen aan Globe/OAD. Werknemers kregen een keuze aangeboden: mee overgaan naar Globe met minder gunstige arbeidsvoorwaarden of een verkort zoektraject binnen Rabobank met een vergoeding bij ontslag.
De Rabobank informeerde haar medewerkers schriftelijk en mondeling over de overgang, maar het hof oordeelde dat de informatie onvolledig en deels onjuist was, met name over de gevolgen van het niet mee overgaan. Ook werd druk uitgeoefend op werknemers om te kiezen voor solidariteit met collega’s. Rabobank stelde dat zij in overleg met vakbonden handelde en dat de informatieplicht beperkt is.
De Hoge Raad bevestigde dat de werkgever gehouden is tot volledige en objectieve voorlichting over de rechtspositie en gevolgen van keuzes bij overgang van onderneming. De Rabobank heeft deze plicht geschonden door onvolledige informatie te geven en onrechtmatige druk uit te oefenen. De informatieplicht is een open norm die afhangt van omstandigheden, maar vereist wel transparantie en eerlijkheid.
De mondelinge informatie tijdens bijeenkomsten sluit niet uit dat schriftelijke informatie onvoldoende kan zijn. De Rabobank mocht wijzen op solidariteit, maar niet op een wijze die werknemers onder druk zet. De Hoge Raad verwierp de cassatie en bevestigde het oordeel van het hof dat Rabobank in strijd met goed werkgeverschap heeft gehandeld.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat Rabobank in strijd met goed werkgeverschap onvolledige informatie gaf en druk uitoefende bij de overgang van de reizenafdeling.