ECLI:NL:PHR:2007:BA7189
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt fiscale kwalificatie van levering ziekenhuisapparatuur ondanks civielrechtelijke leaseconstructie
De zaak betreft meerdere vrijwel identieke procedures waarin ziekenhuizen via speciaal opgerichte BV's (SPC's) medische apparatuur leasen met een constructie die beoogt omzetbelasting te besparen. De SPC's kopen de apparatuur en leasen deze operationeel aan het ziekenhuis, waarbij het ziekenhuis renteloze leningen verstrekt aan de SPC's ter financiering van de aanschaf en BTW. Na enkele jaren wordt de economische eigendom via aandelenoverdracht aan het ziekenhuis overgedragen.
Het Hof oordeelde dat ondanks de civielrechtelijke vormgeving van lease, de feitelijke situatie neerkomt op levering van de apparatuur aan het ziekenhuis, waarbij de SPC slechts een doorgeefluik is. De lening is in wezen de vergoeding voor deze levering. De Hoge Raad bevestigt dat de fiscale kwalificatie van de feiten, los van de civielrechtelijke vorm, bepalend is voor de omzetbelastingheffing.
De Hoge Raad benadrukt dat de macht om als eigenaar over de apparatuur te beschikken reeds vanaf het moment van aflevering bij het ziekenhuis ligt, en dat de overeengekomen vergoeding (de lening) de maatstaf van heffing vormt. De leaseconstructie wordt gezien als een fiscale planning die niet leidt tot het vermijden van omzetbelasting. De uitspraak bevestigt het subjectieve karakter van de heffingsmaatstaf en de mogelijkheid van zelfstandige fiscale kwalificatie om misbruik te voorkomen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de leaseconstructie fiscaal kwalificeert als levering met omzetbelastingheffing over de lening als vergoeding.