ECLI:NL:PHR:2007:BA7626
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid wijziging plan van toedeling in reconstructie Midden-Delfland
De zaak betreft een geschil over het plan van toedeling in de reconstructie van Midden-Delfland, waarbij eiser bezwaar maakte tegen het niet toebedelen van een boezemkade aan het Hoogheemraadschap. De reconstructiecommissie en rechtbank hadden het bezwaar van het Hoogheemraadschap gegrond verklaard en het plan gewijzigd, waarbij de kade aan het Hoogheemraadschap werd toegekend. Eiser stelde onder meer dat de bezwaren niet gelijktijdig waren behandeld, wat zou leiden tot schending van het beginsel van hoor en wederhoor, en dat de rechter-commissaris niet onpartijdig was.
De Hoge Raad oordeelde dat het gescheiden behandelen van bezwaren niet tot schending van hoor en wederhoor leidt, aangezien eiser als belanghebbende bij het bezwaar van het Hoogheemraadschap was betrokken en zijn standpunt schriftelijk kon toelichten. Ook was er geen sprake van onpartijdigheid van de rechter-commissaris. Verder bevestigde de Hoge Raad dat het plan van wegen en waterlopen binnen de Reconstructiewet kan worden gewijzigd en dat de toedeling van de kade aan het Hoogheemraadschap in lijn is met de doelstellingen van de wet.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de wijziging van het plan van toedeling ten gunste van het Hoogheemraadschap. Eiser werd gecompenseerd met een overbedeling in waarde, en het belang van een uniforme eigendom, beheer en onderhoud van wegen en waterlopen door openbare lichamen werd als zwaarwegend beschouwd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de wijziging van het plan van toedeling ten gunste van het Hoogheemraadschap wordt bevestigd.