ECLI:NL:PHR:2007:BB4956
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over verwerping beroep op overmacht bij ongewenste vreemdeling
In deze zaak werd verdachte veroordeeld voor het als ongewenste vreemdeling in Nederland verblijven. Verdachte voerde beroep op overmacht aan, onderbouwd met een beslissing van de Vreemdelingenkamer die stelde dat er geen uitzicht was op uitzetting vanwege weigering van diverse landen een laissez-passer te verstrekken.
Het hof verwierp het beroep op overmacht, stellende dat verdachte onvoldoende actieve medewerking had geleverd en dat er geen feiten of omstandigheden waren die uitzetting onmogelijk maakten. Tevens verwees het hof voor de medische situatie van verdachte slechts naar een brief van de IND, zonder in te gaan op de specifieke omstandigheden en het gevaar dat voortvloeit uit het niet voortzetten van de noodzakelijke medicatie.
De advocaat van verdachte stelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de beslissing van de Vreemdelingenkamer niet werd gevolgd en dat het hof ten onrechte alleen op de brief van de IND had vertrouwd. De Procureur-Generaal concludeerde dat het middel slaagt omdat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het beroep op overmacht werd verworpen, met name gelet op het ontbreken van uitzicht op uitzetting en de medische noodzaak.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde behandeling. Er zijn geen ambtshalve gronden gevonden om het arrest zelf te vernietigen zonder verwijzing.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling van het beroep op overmacht.