ECLI:NL:PHR:2008:5
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid cassatieberoep na termijnoverschrijding door administratieve vergissing
Verdachte is door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens poging tot doodslag, met een bijkomende voorwaardelijke straf en een toegewezen schadevergoeding aan de benadeelde partij.
Tegen dit vonnis stelde verdachte cassatieberoep in. De schriftuur van de raadsman van verdachte werd echter na de wettelijke termijn van twee maanden ingediend, wat in eerste instantie tot niet-ontvankelijkheid zou leiden.
Door een administratieve vergissing werd de raadsman niet tijdig geïnformeerd over de uitreiking van de aanzegging aan verdachte, waardoor de termijnoverschrijding verontschuldigbaar werd geacht.
De Hoge Raad concludeert dat verdachte in zijn cassatieberoep ontvankelijk moet worden verklaard ondanks de overschrijding van de termijn, vanwege de bijzondere omstandigheden rondom de administratieve fout.
Uitkomst: Verdachte wordt ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep ondanks termijnoverschrijding door administratieve vergissing.