ECLI:NL:PHR:2008:BC1244
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geschil over ontbinding en tekortkomingen carrosserie oplegger wegens afwijkende maatvoering en constructiefouten
De zaak betreft een geschil tussen een opdrachtgever en een carrosseriebouwer over de bouw en levering van een opleggercarrosserie. De opdrachtgever klaagde over afwijkingen in de maatvoering waardoor niet drie, maar slechts twee pallets naast elkaar konden worden vervoerd, en over constructiefouten aan de vouwwand en het dak. Na levering ontstond discussie over herstel en ontbinding van de overeenkomst.
De Rechtbank oordeelde dat de bouwer aansprakelijk was voor de onjuiste maten en dat de opdrachtgever de overeenkomst mocht ontbinden vanwege de gebrekkige constructie. Het Hof kwam tot een genuanceerder oordeel en stelde vast dat de bouwer in verzuim was op het moment van ontbinding, maar dat herstel nog mogelijk was. Het Hof gelastte een descente om de feitelijke situatie te onderzoeken en oordeelde uiteindelijk dat de afwijkingen in maatvoering niet van geringe betekenis waren en dat de bouwer niet hoefde rekening te houden met extra stuwruimte.
De Hoge Raad bevestigde dat het Hof zijn beoordelingsvrijheid niet had overschreden en dat de ontbinding gerechtvaardigd was. Ook werden procedurele klachten over deskundigenonderzoek en descente verworpen. De bouwer werd veroordeeld tot schadevergoeding aan de opdrachtgever wegens tekortkomingen in de geleverde carrosserie.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de ontbinding van de overeenkomst gerechtvaardigd was wegens tekortkomingen in maatvoering en constructie, en wijst de vordering tot schadevergoeding toe.