ECLI:NL:PHR:2008:BC1844
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bewijslastverdeling bij betwisting van tariefafspraken in verbintenissenrecht
In deze zaak vorderde de verweerder betaling van facturen van Robur Metaaltechniek B.V. wegens geleverde diensten en producten. De kern van het geschil betrof twee punten: het overeengekomen uurtarief en de wijze van afrekening voor bekabeling van spuitrobots. De rechtbank wees de vorderingen toe, het hof bevestigde dit na bewijslevering en getuigenverhoren, maar Robur stelde dat het hof de bewijswaardering en bewijslastverdeling onjuist had toegepast.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte de bewijslast bij Robur heeft gelegd voor haar afwijkende prijsafspraak en dat het hof de verklaring van Roburs directeur onjuist als partijgetuigenverklaring met beperkte bewijskracht heeft beoordeeld. De Hoge Raad benadrukt dat bij tegenbewijs de verklaring van een partijgetuige vrije bewijskracht toekomt.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling vanaf het begin van de appelprocedure, waarbij de juiste bewijsregels moeten worden toegepast. De uitspraak bevat tevens een uitgebreide analyse van de bewijslastverdeling bij betwiste overeenkomsten en verwijst naar relevante eerdere arresten.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.