ECLI:NL:PHR:2008:BC3766
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over ontvankelijkheid OM en redelijke termijn bij flessentrekkerijzaak met grensoverschrijdend element
In deze zaak stond de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie centraal, mede vanwege het grensoverschrijdende karakter van de tenlastegelegde feiten die ook in België strafbaar waren gesteld. Het Hof had de verdachte veroordeeld voor medeplegen van valsheid in geschrift en flessentrekkerij, waarbij het Hof oordeelde dat aan de dubbele strafbaarheidsvoorwaarde van art. 5 Sr Pro was voldaan.
De verdediging klaagde onder meer dat het Hof niet voldoende had onderzocht of het OM ontvankelijk was voor het Belgische feit en dat de redelijke termijn was overschreden. De Hoge Raad stelt dat de rechter ambtshalve onderzoek moet doen naar ontvankelijkheid, maar niet altijd in de uitspraak hoeft te motiveren tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen. Het Hof had terecht geoordeeld dat het feit ook naar Belgisch recht strafbaar was.
Daarnaast constateert de Hoge Raad een overschrijding van de redelijke termijn in de behandeling van de zaak, met name in eerste aanleg en bij de aanlevering van stukken aan de Hoge Raad. Dit leidde tot een strafvermindering. De Hoge Raad vernietigt het arrest uitsluitend voor zover het de straf betreft en wijst het beroep voor het overige af.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor de strafoplegging wegens overschrijding van de redelijke termijn, maar het OM wordt ontvankelijk verklaard voor de vervolging.