ECLI:NL:PHR:2008:BC5886
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid vervroegde onteigening voor aanleg weg ondanks planologische geschillen
De zaak betreft een onteigeningsprocedure waarbij de Gemeente Haarlemmermeer vervroegde onteigening vordert van percelen van eiser ten behoeve van de aanleg van een weg. Eiser betwistte onder meer dat de gemeente gerechtigd was tot onteigening omdat volgens hem het planologisch regime niet onherroepelijk was vastgesteld en de gemeente onvoldoende pogingen had gedaan tot minnelijke verwerving.
De Rechtbank Haarlem oordeelde dat er voldoende planologische zekerheid bestond voor de aanleg van de weg, mede gelet op eerdere besluiten en onderzoeken waaronder het Besluit Luchtkwaliteit 2005. Ook stelde de rechtbank vast dat de gemeente serieuze pogingen had gedaan om de percelen minnelijk te verkrijgen, ondanks het grote verschil in taxatie en aanbod.
Eiser stelde meerdere klachten in cassatie, waaronder motiveringsklachten en een verkeerde lezing van het vonnis, maar de Hoge Raad verwierp deze klachten. De Hoge Raad bevestigde dat de formele rechtskracht van eerdere besluiten geldt en dat de planologische procedure tijdig was aangevangen. Ook werd geoordeeld dat de rechtbank haar oordelen voldoende had gemotiveerd en dat de verschillen in standpunten tussen partijen geen aanleiding geven tot herhaling van onderhandelingen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal was dat het cassatieberoep moet worden verworpen, waarmee de vervroegde onteigening rechtmatig blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vervroegde onteigening wordt bevestigd.