ECLI:NL:PHR:2008:BC6779
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling getuigenverhoor en proces-verbaal bij schorsing in strafzaak
In deze strafzaak is door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, en onttrekking van een vuurwapen aan het verkeer. Verdachte stelde cassatieberoep in tegen het oordeel van het Hof, waarbij twee middelen werden aangevoerd.
Het eerste middel betrof de klacht dat getuigen in elkaars aanwezigheid zijn gehoord, wat volgens verdachte in strijd is met art. 289 Sv Pro en het recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM Pro). De Hoge Raad oordeelde dat de betreffende getuigen reeds eerder waren gehoord en op grond van art. 296 lid 1 Sv Pro in de zittingszaal mochten blijven, zodat geen schending was van het procesrecht. Bovendien had de verdediging geen bezwaar gemaakt tijdens de zitting, waardoor het middel faalt.
Het tweede middel betrof het opmaken van een verkort proces-verbaal bij schorsing van de terechtzitting, terwijl volgens art. 281 lid 4 Sv Pro een volledig proces-verbaal vereist is. De Hoge Raad stelde vast dat uiteindelijk wel een volledig proces-verbaal was opgemaakt en tijdig beschikbaar was gesteld aan de verdediging. Het alleen opmaken van een verkort proces-verbaal voorafgaand aan het volledige proces-verbaal leidt niet tot nietigheid, zeker niet als geen belang van de verdediging is geschaad.
De Hoge Raad verwierp beide middelen en bevestigde daarmee de uitspraak van het Hof. Er was geen aanleiding tot ambtshalve vernietiging van het vonnis.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling van verdachte tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk.