ECLI:NL:PHR:2008:BC7366
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest Hof wegens onvoldoende motivering bij oplegging maatregel ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel
In deze zaak heeft het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch aan verzoekster een betalingsverplichting van €25.000 opgelegd als maatregel ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel. Verzoekster stelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de betalingsverplichting hoger was dan door het Openbaar Ministerie gevorderd en waarom het voordeel gelijkelijk aan haar en haar mededader was toegerekend.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet heeft voldaan aan het bijzondere motiveringsvoorschrift van artikel 359, tweede lid, Sv, omdat het niet heeft toegelicht waarom het bedrag hoger is dan gevorderd en waarom de verdeling van het voordeel gelijkelijk is vastgesteld, terwijl de verdediging had aangevoerd dat verzoekster een onderschikte rol had en door mishandeling onder druk stond.
Daarnaast is de redelijke termijn voor berechting overschreden, hetgeen ook tot matiging van de betalingsverplichting zou moeten leiden. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting, waarbij het hof de motivering moet aanvullen en de betalingsverplichting opnieuw moet bepalen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.