ECLI:NL:PHR:2008:BC8157
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens gebrek aan belang na teruggave schildpadden
In deze zaak ging het om acht inbeslaggenomen schildpadden van klaagster, waarvan drie soorten op lijst A en vijf soorten op lijst B van Verordening (EG) nr. 338/97 stonden. De rechtbank Dordrecht had bij onherroepelijk vonnis bepaald dat de schildpadden aan klaagster moesten worden teruggegeven, mits zij voldeed aan registratie- en chipplicht.
De Procureur-Generaal stelde in zijn conclusie dat klaagster geen belang meer had bij haar cassatieberoep tegen de ongegrondverklaring van het beklag, omdat de hoofdzaak was afgedaan en de teruggave was gelast. Ook had de veroordeelde afstand gedaan van het recht op hoger beroep en had de Officier van Justitie geen beroep ingesteld.
De Hoge Raad volgde dit standpunt en verklaarde klaagster niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep. Hierdoor kon het middel tegen de motivering van de ongegrondverklaring van het beklag buiten bespreking blijven.
Uitkomst: Klaagster is niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep wegens gebrek aan belang na teruggave van de schildpadden.