ECLI:NL:PHR:2008:BF0196
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen flessentrekkerij en toewijzing schadevergoeding
Verdachte werd door het hof veroordeeld wegens medeplegen van flessentrekkerij, waarbij hij samen met zijn echtgenote herhaaldelijk goederen en diensten in hotels afnam met de intentie niet te betalen. Dit betrof onder meer verblijven en consumpties in twee hotels, waarbij afspraken over betaling niet werden nagekomen en facturen onbetaald bleven.
De verdediging voerde aan dat verdachte niet als medepleger kon worden aangemerkt en dat er geen sprake was van een gewoonte in de zin van art. 326a Sr. De Hoge Raad oordeelde dat medeplegen ook kan worden aangenomen zonder dat verdachte zelf uitvoeringshandelingen verrichtte, mits sprake is van bewuste en nauwe samenwerking. Tevens werd geoordeeld dat de herhaalde handelingen binnen een korte periode voldoende zijn voor het aannemen van een gewoonte.
Daarnaast werd de vordering van het benadeelde hotel tot schadevergoeding, inclusief BTW en incassokosten, toegewezen. Het hof had het verweer dat de BTW niet vergoedbaar zou zijn, niet hoeven beantwoorden omdat dit niet onderbouwd was. De Hoge Raad verwierp de cassatie en bevestigde het arrest van het hof.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot één maand gevangenisstraf wegens medeplegen van flessentrekkerij en de schadevergoeding aan het benadeelde hotel is toegewezen.