ECLI:NL:PHR:2008:BF1892
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid waterschap voor schade door falend peilbeheer in tuinbouwgebied
Het geschil betreft een tuinbouwbedrijf dat schade leed door wateroverlast veroorzaakt door water uit een naastgelegen polder via een duiker. Eisers stelden dat het waterschap Delfland nalatig was in het waterbeheer en onvoldoende maatregelen had getroffen om de schade te voorkomen.
De rechtbank wees de vordering af, stellende dat de hevige regenval een uitzonderlijke gebeurtenis was en Delfland adequaat had gehandeld. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat Delfland een zekere beleidsvrijheid toekomt bij het waterbeheer, dat de implementatie van maatregelen na 1998 voortvarend was, en dat geen sprake was van nalatigheid.
In cassatie betoogden eisers onder meer dat het hof ten onrechte had geoordeeld over eigen schuld en de zorgplicht van Delfland, en dat de vergunning voor de duiker niet bindend was voor hen. De Hoge Raad concludeerde dat het hof terecht had geoordeeld dat eisers onvoldoende hadden onderbouwd dat Delfland nalatig was en dat het hof terecht had vastgesteld dat de vergunning ook geldt voor rechtsopvolgers. Het beroep werd verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt dat waterschap Delfland niet aansprakelijk is voor de door eisers geleden schade wegens onvoldoende onderbouwing van nalatigheid.