ECLI:NL:PHR:2008:BF3938
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor in procedure over beëindiging dealerschap Renault
In deze zaak verzochten Udo Waalwijk B.V. en Udo Zaltbommel B.V., voormalige dealers van Renault, om een voorlopig getuigenverhoor in een lopende hoger beroepsprocedure tegen Renault Nissan Nederland N.V. Het verzoek betrof het horen van 13 getuigen over het vermeende onrechtmatig handelen van Renault bij de beëindiging van hun dealerschap.
Het hof wees het verzoek af omdat het belang van Udo c.s. bij het voorlopig getuigenverhoor in dit stadium van het geding als zeer gering werd beoordeeld. Het hof motiveerde dit met onder meer het ontbreken van nieuwe feitelijke dimensies, het stadium van de procedure waarin geen nieuwe stellingen meer konden worden ontwikkeld, en het feit dat een bewijsaanbod in de bodemprocedure nog mogelijk is.
De Hoge Raad bevestigt dat een verzoek om voorlopige instructiemaatregelen in beginsel moet worden toegewezen, tenzij zwaarwegende gronden zoals disproportionaliteit, misbruik van bevoegdheid of strijd met de goede procesorde aanwezig zijn. In dit geval oordeelt de Hoge Raad dat het hof de juiste maatstaf heeft toegepast en dat het belang van de verzoekers onvoldoende was om toewijzing te rechtvaardigen.
Het cassatieberoep wordt verworpen, waarmee het hofvonnis in stand blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor blijft afgewezen.