ECLI:NL:PHR:2008:BG2219
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt herzieningsverzoek wegens onregelmatige geurproeven bij gewapende overval
De zaak betreft een gewapende overval op 19 september 2000 in een kledingwinkel te Enschede waarbij de verdachte een mes gebruikte en de winkelierster verwondde. Diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van het slachtoffer, politieverklaringen, vondsten van kleding en een mes, en geurproeven met speurhonden, werden gebruikt om de verdachte te identificeren en te veroordelen.
De verdachte werd door het hof Arnhem veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf en ter beschikkingstelling met verpleging. Een aanvraag tot herziening werd ingediend op grond van onregelmatigheden in de geurproeven die als bewijsmiddel waren gebruikt. De verdachte stelde dat zonder deze geurproeven het hof hem niet zou hebben veroordeeld.
De Hoge Raad oordeelt dat ook zonder de geurproeven uit het overige bewijsmateriaal met voldoende aannemelijkheid kan worden afgeleid dat de verdachte de overval heeft gepleegd. Er is geen ernstig vermoeden dat het hof bij bekendheid met de ondeugdelijkheid van de geurproeven tot vrijspraak of een andere gunstige beslissing zou zijn gekomen. Daarom wordt het herzieningsverzoek ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt ongegrond verklaard en de veroordeling blijft in stand.