ECLI:NL:PHR:2008:BG6299
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij veroordeling voor vernieling
In deze zaak is door de aanvrager een verzoek tot herziening van een onherroepelijk vonnis ingediend, waarin hij werd veroordeeld voor medeplegen van vernieling. Uit onderzoek en correspondentie van de hoofdofficier van justitie blijkt dat sprake is geweest van een persoonsverwisseling, waarbij een andere verdachte zich voordeed als de aanvrager. Deze persoonsverwisseling was ten tijde van de berechting onbekend.
De hoofdofficier van justitie heeft bevestigd dat het betaalde bedrag door de aanvrager inmiddels is terugbetaald en dat de justitiële documentatie dient te worden opgeschoond. Het ernstige vermoeden bestaat dat de politierechter, indien hij op de hoogte was geweest van de persoonsverwisseling, de aanvrager zou hebben vrijgesproken.
De Hoge Raad concludeert daarom dat de aanvraag tot herziening gegrond is en beveelt, indien nodig, opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof voor verdere behandeling conform artikel 467, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak naar het gerechtshof.