ECLI:NL:PHR:2009:BG5562
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontoereikende volmacht en ambtelijk verzuim
De verdachte werd door de politierechter veroordeeld voor het verlaten van de plaats van een verkeersongeval. Tegen dit vonnis stelde zijn moeder namens hem hoger beroep in op basis van een algemene volmacht die niet expliciet vermeldde dat een rechtsmiddel werd ingesteld tegen een vonnis dat tegen de volmachtgever was gewezen. Het hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk omdat de volmacht niet voldeed aan de vereisten van artikel 450 lid 1 sub b Sv Pro.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd of de griffier de gemachtigde had geïnformeerd over de noodzaak van een bijzondere schriftelijke volmacht. Indien dit niet was gebeurd, kon sprake zijn van ambtelijk verzuim waardoor de verdachte ontvankelijk had moeten worden verklaard. De Hoge Raad verwees naar eerdere jurisprudentie en benadrukte dat de gegeven volmacht, gelet op de omstandigheden, redelijkerwijs moest worden opgevat als een machtiging om hoger beroep in te stellen.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling, waarbij het hof ook moet onderzoeken of de griffier de gemachtigde correct heeft geïnformeerd over de volmachtvereisten. Deze uitspraak benadrukt het belang van duidelijke volmachten en de rol van ambtelijk handelen in het procesrecht.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug wegens ontoereikende motivering over volmacht en ambtelijk verzuim.