ECLI:NL:PHR:2009:BG5612
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vrijspraak wegens onvoldoende motivering ontuchtige handelingen door co-assistent
In deze strafzaak stond een co-assistent (verdachte) terecht wegens vermeende ontuchtige handelingen met vrouwelijke patiënten tijdens pre-operatieve onderzoeken. De rechtbank sprak verdachte vrij, oordelend dat de handelingen medische onderzoeken waren, ondanks dat verdachte niet bevoegd was deze zonder toezicht uit te voeren. Het hof bevestigde deze vrijspraak, verwijzend naar de motivering van de rechtbank en nam de verklaringen van de slachtoffers als waar aan.
De advocaat-generaal stelde in cassatie dat het hof ten onrechte de vrijspraak handhaafde, omdat de handelingen en de seksuele opmerkingen van verdachte een ontuchtig karakter hadden. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende gemotiveerd had waarom het opzet tot ontucht ontbrak, vooral gezien de seksuele context en de aard van de handelingen die niet medisch noodzakelijk waren.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling, waarbij rekening moet worden gehouden met de overschrijding van de cassatietermijn. De zaak betreft de afweging tussen medische exceptie en het ontuchtige karakter van handelingen binnen een medische context.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling wegens onvoldoende motivering van de vrijspraak.