ECLI:NL:PHR:2009:BG5845
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot nihilstelling alimentatie wegens onvoldoende onderbouwing draagkracht
Partijen zijn in 1973 gehuwd en gescheiden in 2005. De vrouw verzocht om vaststelling van partner- en kinderalimentatie. De rechtbank stelde alimentatie vast, waarna de man in hoger beroep ging en verzocht de alimentatie te verminderen of op nihil te stellen. Het hof bekrachtigde de beschikking, omdat de man onvoldoende stukken over zijn financiële situatie had overgelegd, met name over zijn ondernemingen en jaarstukken.
De man stelde dat hij een negatieve draagkracht had en dat het hof ten onrechte zijn stukken onbesproken liet. De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht vond dat de man onvoldoende inzicht gaf in zijn draagkracht, mede omdat hij geen jaarstukken van zijn onderneming over 2006 en 2007 had overgelegd. De stellingen van de vrouw werden als gemotiveerde betwisting aangemerkt.
De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af, omdat het hof zijn oordeel voldoende heeft gemotiveerd en de man niet heeft voldaan aan zijn bewijsverplichtingen. De alimentatieverplichtingen blijven daarom gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de alimentatieverplichtingen blijven gehandhaafd.