ECLI:NL:PHR:2009:BG9914

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
27 februari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/03480
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Uitkomst
Afwijzend
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285 lid 1 sub f FwArt. 287 lid 2 FwArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot definitieve toelating tot schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming informatieplicht

In deze zaak heeft de schuldenaar een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling ingediend. De rechtbank verklaarde dit verzoek niet-ontvankelijk omdat de schuldenaar niet had voldaan aan de verplichting om de in artikel 285 lid 1 sub f van Pro de Faillissementswet bedoelde verklaring bij het verzoekschrift te voegen.

Het hof heeft dit oordeel bevestigd en het hoger beroep van de schuldenaar verworpen. De schuldenaar stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad, stellende dat het verzoekschrift aan de eisen voldeed.

De Hoge Raad oordeelt dat indien de vereiste informatie ontbreekt, de rechter het verzoek tot schuldsanering niet kan toewijzen op grond van artikel 287 lid 2 Faillissementswet Pro. De schuldenaar draagt de verplichting om de verklaring te verkrijgen en bij het verzoekschrift te voegen. Gezien de omstandigheden acht de Hoge Raad het niet-afgeven van de verklaring aan de schuldenaar toe te rekenen.

Daarom faalden de ingebrachte cassatiemiddelen en werd het cassatieberoep verworpen.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot schuldsanering blijft niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van de vereiste verklaring.

Conclusie

08/03480
mr. L. Timmerman
Parket, 30 december 2008
Conclusie inzake:
[Verzoeker]
Verzoeker tot cassatie
Verkorte conclusie
1. Het hof heeft bij arrest van 6 augustus 2008 in hoger beroep met zaaknummer HV 200.008.351/01, de beschikking van de rechtbank , waarin de rechtbank [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaart in zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, bekrachtigd.
2. Tegen het hiervoor vermelde arrest heeft [verzoeker] bij verzoekschrift -tijdig(1)- cassatieberoep ingesteld.
3.1 Het verzoekschrift bevat 3 cassatiemiddelen.
3.2 De in het eerste en tweede cassatiemiddel opgeworpen klachten miskennen dat het verzoekschrift niet aan de daaraan gestelde eisen voldoet indien de in artikel 285 lid 1 Fw Pro bedoelde informatie ontbreekt. In het geval de ingevolge artikel 285 lid 1 Fw Pro vereiste informatie ontbreekt, brengt artikel 287 lid 2 Fw Pro met zich mee dat de rechter een verzoek tot schuldsanering niet kan toewijzen(2). Op de schuldenaar rust de verplichting om de in art. 285 lid 1 sub f bedoelde Pro verklaring te verkrijgen en bij zijn verzoekschrift te voegen en aan de rechtbank te verstrekken. Gelet op de omstandigheden die het Hof in rov. 4.5.7, 4.5.8. en 4.5.9. in aanmerking neemt, is het oordeel van het Hof dat aangenomen moet worden dat het niet-afgeven van de bedoelde verklaring te wijten is aan [verzoeker], begrijpelijk. Hieruit volgt dat het eerste en tweede cassatiemiddel falen.
3.3 Het derde cassatiemiddel mist belang en faalt daarom.
4. Conclusie
Ik concludeer tot verwerping van het cassatieberoep.
De procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
1 Het verzoekschrift is per fax ingediend en 12 augustus 2008 op de griffie van de Hoge Raad ontvangen.
2 Zie ook de toelichting bij artikel 285 in Pro Kamerstuk 2004-2005, 29942, nr. 3, TK