ECLI:NL:PHR:2009:BH0566
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek schorsing zitting wegens ziekte zonder medische verklaring
In deze zaak heeft het hof te Amsterdam op 28 februari 2007 aan verzoeker de verplichting opgelegd een bedrag van € 5.500,- aan de Staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Verzoeker, vertegenwoordigd door zijn advocaat, stelde tijdens de terechtzitting een verzoek tot schorsing van het onderzoek in wegens ziekte (griep). Het hof wees dit verzoek af omdat verzoeker geen medische verklaring had overgelegd ter onderbouwing.
De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 7 april 2009 overwogen dat het aan het hof stond om bewijsstukken of nadere inlichtingen te verlangen bij de beoordeling van een aanhoudingsverzoek wegens ziekte. Het hof heeft het verzoek terecht afgewezen omdat het niet was onderzocht of het redelijk was om van verzoeker te verlangen dat hij een medische verklaring overlegt. Tevens werd meegewogen dat de verdediging namens verzoeker aanwezig was en het proces kon voeren.
De Hoge Raad benadrukt dat het recht op aanwezigheid van de betrokkene bij de terechtzitting, zoals neergelegd in artikel 6 EVRM Pro, niet absoluut is en dat het belang van een behoorlijke en tijdige strafvordering onder bepaalde omstandigheden zwaarder kan wegen. Het middel van verzoeker faalt en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de terechtzitting wegens ziekte zonder medische verklaring is terecht afgewezen.