ECLI:NL:PHR:2009:BH1994
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging en vermindering partneralimentatie na 15 jaar volgens Wet limitering alimentatie na scheiding
De zaak betreft een verzoek van de man tot beëindiging van zijn partneralimentatieverplichting aan zijn ex-echtgenote na 15 jaar, op grond van de Wet limitering alimentatie na scheiding (WLA). De vrouw voerde verweer en stelde dat de beëindiging van de alimentatie voor haar een ingrijpende inkomensachteruitgang zou betekenen die niet van haar kan worden gevergd.
De rechtbank wees het verzoek grotendeels toe, met een latere ingangsdatum, maar het hof vernietigde deze beslissing en bepaalde dat de alimentatieverplichting zou voortduren tot de vrouw 65 jaar werd. Het hof oordeelde dat de beëindiging van de alimentatie met onmiddellijke ingang te ingrijpend was en dat de behoefte van de vrouw, mede beïnvloed door de huwelijksgerelateerde taakverdeling, bleef bestaan ondanks haar eigen inkomsten.
In cassatie stelde de man dat de behoefte van de vrouw niet langer huwelijksgerelateerd was en dat zij voldoende eigen inkomsten had. De Hoge Raad oordeelde dat de alimentatieverplichting na 15 jaar inderdaad kan eindigen, maar dat de uitzondering geldt indien beëindiging naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De vrouw had onvoldoende gesteld om deze uitzondering te rechtvaardigen, maar het hof had de feiten juist gewogen en de motivering was begrijpelijk.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de alimentatieverplichting in dit geval terecht was voortgezet tot de vrouw 65 jaar werd, zonder mogelijkheid tot verlenging. De stellingen van de man dat de behoefte niet langer huwelijksgerelateerd was, waren onvoldoende onderbouwd om tot vermindering of beëindiging te leiden.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de alimentatieverplichting van de man voortduurt tot de vrouw 65 jaar wordt.