ECLI:NL:PHR:2009:BH3188
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad arrest over ontvankelijkheid cassatieberoep en onteigeningsprocedure bij bestemmingsplanonteigening
In deze zaak gaat het om cassatieberoepen tegen vonnissen waarbij vervroegde onteigening is uitgesproken van percelen ten behoeve van het bestemmingsplan 'Hoogveld' in de gemeente Heerlen. De Hoge Raad behandelt onder meer de ontvankelijkheid van cassatieberoepen van eigenaren en derde belanghebbenden, zoals pachters, die niet altijd als partij in eerste aanleg zijn opgetreden.
De Raad overweegt dat het niet-tijdig betekenen van een cassatieverklaring een vormverzuim is dat kan worden hersteld, mits tijdig gedagvaard is. Ook kan een derde belanghebbende die zich in de procedure heeft gemanifesteerd beroep in cassatie instellen. Pachters die niet zijn tussengekomen in het geding tot vervroegde onteigening zijn echter niet ontvankelijk in cassatie tegen dat vonnis, maar kunnen wel in de schadeloosstellingsfase hun belangen behartigen.
Daarnaast beoordeelt de Hoge Raad of de onteigenende partij heeft voldaan aan haar onderhandelingsplicht ex artikel 17 Onteigeningswet Pro, waarbij ook onderhandelingen in het kader van de Wet voorkeursrecht gemeenten worden betrokken. De Raad bevestigt dat de rechter slechts marginaal toetst of het oordeel van de Kroon over de noodzaak van onteigening redelijk is. Klachten over zelfrealisatie worden verworpen. Ten slotte wijst de Hoge Raad cassatieberoepen van sommige eisers af wegens niet-ontvankelijkheid en verwerpt het overige cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart sommige cassatieberoepen niet-ontvankelijk en verwerpt het overige cassatieberoep, waarmee de vervroegde onteigening en onderhandelingsplicht van de gemeente worden bevestigd.