ECLI:NL:PHR:2009:BI6256
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigheid van rechtshandelingen ter bescherming gemeentelijk voorkeursrecht bij grondverkoop
In deze zaak staat centraal of bepaalde rechtshandelingen, waaronder koop-, krediet- en hypotheekovereenkomsten, de kennelijke strekking hebben om het gemeentelijk voorkeursrecht te omzeilen en daarmee vernietigbaar zijn op grond van artikel 26 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg).
Wijklijn Vastgoed B.V. verkocht bouwpercelen aan een partij binnen haar concern, met uitgestelde levering gekoppeld aan bestemmingsplanwijziging. De koper sloot kredietovereenkomsten met ABN AMRO, die vervolgens een recht van hypotheek op de percelen verkreeg. De gemeente stelde dat deze samenhangende overeenkomsten een constructie vormden om haar voorkeursrecht te omzeilen.
De rechtbank en het hof verklaarden de overeenkomsten nietig, waarbij het hof oordeelde dat overdracht van beschikkingsmacht en economisch belang in enigerlei mate aan derden reeds voldoende is voor vernietiging. Ook de hypotheekovereenkomsten vielen hieronder, ondanks dat hypotheekvestiging niet per definitie vervreemding is. De Hoge Raad bevestigt deze uitleg en benadrukt dat de beoordeling van kennelijke strekking niet beperkt is tot de tekst van de overeenkomst, maar ook de context en samenhang van de rechtshandelingen omvat.
De Hoge Raad verwerpt de cassatieklachten en bevestigt dat het gemeentelijk voorkeursrecht robuust beschermd wordt tegen ontwijkingsconstructies, ook als deze bestaan uit meerdere samenhangende rechtshandelingen. De overdracht van beschikkingsmacht en economisch belang kan ook in beperkte mate leiden tot vernietiging van de rechtshandeling.
Deze uitspraak verduidelijkt de reikwijdte van artikel 26 Wvg Pro en de bescherming van gemeenten tegen het omzeilen van hun voorkeursrecht bij grondtransacties.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de nietigheid van de koop-, krediet- en hypotheekovereenkomsten wegens schending van het gemeentelijk voorkeursrecht.