ECLI:NL:PHR:2009:BI7179
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid verhuurder kraan bij breuk optopkabel en letsel werknemer
In deze zaak gaat het om de aansprakelijkheid van een verhuurder van een mechanische elementenstelmachine (kraantje) nadat een werknemer van de huurder ernstig gewond raakte door het breken van de optopkabel van de kraan. De optopkabel brak doordat deze naast de kabelschijf liep en door langdurige slijtage was beschadigd. De uitloopbeveiliging van de kabel functioneerde niet goed, waardoor de kabel uit de kabelschijf kon lopen.
De huurder stelde dat de verhuurder aansprakelijk was omdat de kraan ondeugdelijk was, niet was gekeurd, en de beveiliging onvoldoende was. De verhuurder verweerde zich met het standpunt dat de breuk veroorzaakt werd door het niet tijdig ontdekken van het defect door de huurder, die onvoldoende zorg had betracht bij de controle van het kraantje.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de breuk van de kabel het gevolg was van het disfunctioneren van de uitloopbeveiliging, maar dat de huurder dit tijdig had kunnen ontdekken bij een adequate controle. De verlenging van de veiligheidsvalkabels door de huurder was niet de oorzaak van de breuk. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van de huurder, stellende dat onvoldoende feiten waren gesteld om te concluderen dat de kraan ondeugdelijk was en dat de verhuurder tekort was geschoten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verhuurder niet aansprakelijk is omdat de huurder het defect tijdig had kunnen ontdekken bij adequate controle.