ECLI:NL:PHR:2009:BJ2572
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt weigering wijziging informatieregeling tussen ouders op grond van belang kind
In deze zaak ging het om een verzoek van de moeder om de bestaande regeling op grond van artikel 1:377b lid 1 BW te wijzigen, waarbij zij de vader tweemaal per jaar schriftelijke informatie en een recente foto van hun zoon moest verstrekken. De moeder wilde dat deze regeling buiten toepassing zou worden gelaten.
De rechtbank wees het verzoek af en het hof bekrachtigde deze beslissing. Het hof oordeelde dat de moeder onvoldoende objectieve gronden had aangevoerd om het recht van de vader op informatie te ontzeggen en dat er geen bewijs was van misbruik van de verstrekte gegevens.
De moeder stelde in cassatie dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met de wederzijdse belangen van de ouders en de bezwaren van de moeder tegen het verstrekken van een foto. Ook stelde zij dat de proceskostenveroordeling onrechtmatig was omdat zij niet vooraf was gehoord en dat deze disproportioneel was.
De Hoge Raad verwierp deze middelen, overwegende dat het hof de belangen van het kind en de ouders zorgvuldig had afgewogen en dat een proceskostenveroordeling geen sanctie is maar een vergoeding voor gemaakte kosten. Het cassatieberoep werd verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en de bestaande informatieregeling blijft van kracht.