ECLI:NL:PHR:2009:BJ7319
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geschil over uitleg en uitvoering van vaststellingsovereenkomst en optie op aandelen
Deze zaak betreft een geschil over de uitleg en uitvoering van een vaststellingsovereenkomst tussen [A] B.V., Porocom International B.V. en BMK Beheer B.V. De overeenkomst verleende [A] een optie op aandelen in Porocom, waarbij een bedrag van € 50.000,- betaald moest worden voor het verkrijgen van de optie en een verdere betaling van € 200.000,- bij uitoefening van de optie.
[Eiser], als enig aandeelhouder en bestuurder van [A], betaalde het bedrag van € 50.000,- en stelde namens zichzelf de optie uit te oefenen, wat door BMK werd bevestigd. Het Gerechtshof Amsterdam bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Utrecht dat de vordering tot betaling van de koopsom door eiser aan BMK toewijst, waarbij het hof oordeelde dat BMK redelijkerwijs mocht aannemen dat eiser de optie voor zichzelf wilde verwerven en uit oefenen.
In cassatie klaagt eiser over de uitleg van de overeenkomst en stelt dat hij slechts in hoedanigheid van bestuurder van [A] handelde, maar deze klachten worden verworpen omdat het hof terecht oordeelde dat tussen eiser en BMK een nieuwe overeenkomst is ontstaan waarbij eiser als contractspartij fungeert. De Hoge Raad verwerpt de cassatieklachten en bevestigt het oordeel van het hof.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt de cassatieklachten en bevestigt dat eiser persoonlijk de optie op aandelen heeft uitgeoefend en BMK hem als contractspartij heeft aanvaard.