ECLI:NL:PHR:2009:BJ7570

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
15 september 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/00305 H
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 30 WAMArt. 467 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herziening wegens onbekendheid met ongeldig verklaard kenteken bij overtreding motorrijtuig

Aanvrager werd bij onherroepelijk vonnis van de Kantonrechter te Haarlem veroordeeld wegens overtreding van artikel 30 WAM Pro met een motorrijtuig met een bepaald kenteken op 16 augustus 2006. De aanvraag tot herziening werd ingediend door mr. J.L. Scheltens namens aanvrager, met het argument dat de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) nagelaten had het kenteken per 30 maart 2005 ongeldig te verklaren.

Eerder was aanvrager ook veroordeeld voor een soortgelijke overtreding met hetzelfde kenteken op 1 maart 2006, waarvoor eveneens herziening was gevraagd en toegekend door de Hoge Raad. Gezien de gelijke feiten en omstandigheden werd in deze zaak verwezen naar de eerdere conclusie en arrest.

De Hoge Raad concludeert dat er een ernstig vermoeden bestaat dat de kantonrechter, indien bekend met het feit dat de RDW het kenteken niet ongeldig had verklaard, tot vrijspraak zou zijn gekomen. Daarom wordt de aanvraag tot herziening gegrond verklaard, de tenuitvoerlegging van het gewijsde opgeschort en de zaak verwezen naar het gerechtshof te Amsterdam voor verdere behandeling volgens artikel 467, eerste lid, Sv.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor verdere behandeling.

Conclusie

Nr. 09/00305 H
Mr. Machielse
Zitting 23 juni 2009
Conclusie inzake:
[Aanvrager]
1. Bij onherroepelijk geworden vonnis van de Kantonrechter te Haarlem van 26 juni 2007 is aanvrager van herziening veroordeeld wegens de overtreding van art. 30 WAM Pro met een motorrijtuig met het kenteken [AA-00-BB], gepleegd op 16 augustus 2006.
2. Namens aanvrager is door mr J.L. Scheltens, advocaat te Haarlem, een aanvraag tot herziening ingediend.
3. De aanvraag berust op de stelling dat als de rechter er mee bekend was geweest dat de Rijksdienst voor het Wegverkeer heeft verzuimd het kenteken [AA-00-BB] per 30 maart 2005 ongeldig te verklaren, aanvrager niet zou zijn veroordeeld.
4. Bij vonnis van de Kantonrechter te Haarlem van 21 december 2006 was aanvrager veroordeeld wegens dezelfde overtreding met een motorrijtuig met het kenteken [AA-00-BB], gepleegd op 1 maart 2006. Van dit vonnis heeft aanvrager herziening gevraagd. Bij arrest van 12 mei 2009 is deze aanvraag gegrond verklaard.(1) Gelet op de nagenoeg gelijke feiten -enkel de pleegdatum verschilt - zie ik geen aanleiding om anders te concluderen en verwijs dan ook naar de conclusie van 3 maart 2009 en het arrest van 12 mei 2009.
5. Daarmee rijst ook in deze zaak een ernstig vermoeden dat, zou de kantonrechter met de omstandigheid bekend zijn geweest dat de RDW heeft verzuimd het kenteken [AA-00-BB] per 30 maart 2005 ongeldig te verklaren, het onderzoek der zaak zou hebben geleid tot vrijspraak van de veroordeelde.
6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de aanvraag gegrond zal verklaren, voor zoveel nodig de opschorting en schorsing van de tenuitvoerlegging van het gewijsde zal bevelen en de zaak zal verwijzen naar het gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak zal worden behandeld en afgedaan op de wijze als in art. 467, eerste lid, Sv is voorzien.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
1 LJN BI1458: De Hoge Raad oordeelt dat aan de inhoud van een brief van de RDW van 11 maart 2008 het ernstige vermoeden valt te ontlenen dat de Kantonrechter, ware hij daarmee bekend geweest, de aanvrager van het hem tenlastegelegde zou hebben vrijgesproken.