1.1 In cassatie kunnen de volgende feiten worden aangehouden((1)):
(i) Verweerder in cassatie (hierna: het Land) is eigenaar van onroerend goed bestaande uit een stuk grond aan de kust van Aruba van ca. 26.773 m2 met daarop een hotel met 155 kamers en voorzieningen als tennisbanen en zwembaden (hierna: het Bushiri Complex).
(ii) Het complex werd aanvankelijk beheerd door de Stichting Aruba Hospitality Trades Training Center (hierna: SAHTTC). SAHTTC leed voortdurend exploitatieverliezen die steeds door het Land werden gedekt. Op een gegeven moment heeft het Land besloten het Bushiri Complex te verkopen.
(iii) Het Land heeft vanaf 1999 met de Lionstone Group Inc. (hierna: Lionstone) onderhandelingen gevoerd over de aankoop en exploitatie van het Bushiri Complex. Voor die aankoop en exploitatie van het Bushiri Complex heeft Lionstone op 7 augustus 2000 Bushiri Holding Aruba N.V. opgericht (hierna: BHA). De onderhandelingen met Lionstone worden geacht te zijn gevoerd uit naam van BHA.((2))
(iv) Op 25 juli 2000 heeft de minister van Economische Zaken, Sociale Zaken en Toerisme in een 'Agreement for transfer of ownership' het Bushiri Complex voor Afl. 11 miljoen aan BHA verkocht. Met het oog op de aanstaande overdracht van het hotel heeft BHA vanaf 1 augustus 2000 de exploitatie van het hotel/complex op zich genomen. Tot een overdracht van het Bushiri Complex aan BHA is het echter niet gekomen. Het Land heeft zich erop beroepen dat de overeenkomst om meer redenen nietig is.((3)) Toen haar duidelijk werd dat de overdracht geen doorgang meer zou vinden, heeft BHA per 20 mei 2002 de exploitatie van het Bushiri Complex beëindigd.
(v) Partijen hebben de onderhandelingen heropend. Deze onderhandelingen hebben in mei 2003 tot overeenstemming geleid over tijdens het onderhandelingsproces als meest essentieel ervaren punten, waaronder:
- het Land geeft de grond van het complex alsmede een aangrenzend terrein voor zestig jaar in erfpacht;
- BHA betaalt een koopprijs van Afl. 11 miljoen, welke koopprijs in zijn geheel zal worden aangewend voor betaling van de schuld van SAHTTC aan de Aruba Bank;
- BHA zal het complex binnen twee jaar na de overdracht met 250 kamers uitbreiden;
- BHA zal het hotel doen managen door een hotelketen met internationale reputatie en van minstens 4-sterren kwaliteit.
- Het Land verstrekt BHA een casinovergunning bij het begin van de uitbreiding.
(vi) Vervolgens is het traject voor het gereedmaken van de machtigingslandverordening ingezet. Deze verordening is gereedgekomen en afgekondigd op 4 resp.17 november 2003.
(vii) Ook zijn besprekingen gevoerd ter uitwerking van de punten waarover overeenstemming was bereikt. Een uitwerking is uiteindelijk neergelegd in een document van februari 2004 met het opschrift 'pre-closing agreement'.((4)) Partijen hebben dit document niet getekend.
(vii) In juni 2004 is door Lionstone aan de minister van Toerisme en Transport het voorstel gedaan om het Bushiri Complex niet als een hotel maar als een timesharing resort te ontwikkelen samen met de Royal Resorts Group uit Mexico. Hierop wordt van de zijde van de minister aanvankelijk afwijzend gereageerd, maar in een brief van 17 november 2004 aan de raadsman van BHA biedt de minister de keuze om ter plaatse van het Complex een timeshare complex van 200 slaapkamers zonder casino te ontwikkelen dan wel een vier- of vijfsterren hotel met 400 kamers met casino. Verder schrijft de minister dat in geval van nieuwbouw, conform de bestuurspraktijk bij de uitgifte in erfpacht van percelen grond voor hotelbouw en andere commerciële projecten, er een 'perfomance bond' ten bedrage van 10% van de investering voor de bouw van additionele hotelkamers door een lokale bank zal moeten worden afgegeven. Bij brief van 15 december 2004 laat Lionstone weten dat zij opteert voor een timeshare development van 405 keys maximaal samen met Royal Resorts Group en dat zij, hoewel een performance bond nooit eerder was besproken, instemt met een performance bond in fasen.
(viii) Eind januari 2005 laat Royal Resorts Group weten af te zien van verdere samenwerking met Lionstone. Deze laatste geeft daarop in een brief van 8 februari 2005 te kennen het project te willen voortzetten en in een brief van 18 februari 2005 dat een ontwikkeling van een combinatie van hotel/casino/timeshare/condo/residential project nodig is.
(ix) Bij brief van 21 maart 2005 heeft de minister van Toerisme en Transport aan Lionstone de tijd gegeven tot 31 maart 2005 om alsnog onverkort akkoord te gaan met de pre-closing agreement en de storting van de performance bond. Lionestone stemt bij brief van 29 maart 2005 met het eerste punt in, maar vraagt om een flexibelere opstelling ten aanzien van het tweede punt.
(x) Op 25 mei 2005 wordt een door de minister van Sociale Zaken en Infrastructuur reeds ondertekende erfpachtovereenkomst ter ondertekening aangeboden aan BHA met daarin onder meer bepalingen over de door BHA te betalen bedragen en de te stellen performance bond. Ook is in de overeenkomst de bepaling opgenomen dat deze voor ontbonden wordt gehouden, indien de akte van erfpachtverlening niet binnen 30 dagen na dagtekening van de overeenkomst is verleden.
(xi) Van de zijde van BHA is bezwaar gemaakt tegen het gestelde tijdspad en is aangedrongen op overleg over een aantal zaken, waaronder de performance bond. Er heeft daarna niet alleen nog een briefwisseling plaatsgevonden waarbij het Land BHA ter zake van de perfomance bond BHA nog eniger mate tegemoet kwam, maar ook is er nog een overleg geweest op 23 juni 2005 waarbij onder voorwaarden een verlenging met 30 dagen van de erfpachtovereenkomst werd aangeboden.
(xii) In juli 2005 is het Land, zoals al eerder aangekondigd, een inschrijvingsprocedure gestart om zo derden de gelegenheid te geven hun belangstelling voor de ontwikkeling van het Bushiri Complex kenbaar te maken. Op 29 augustus 2005 hebben vier projectontwikkelaars hun offertes ingediend.