ECLI:NL:PHR:2009:BK0898
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatieberoep tegen vonnis kantonrechter wegens overtreding APV Venlo afgewezen
De kantonrechter te Venlo veroordeelde verdachte op 14 februari 2008 wegens overtreding van artikel 2.39 van de Algemeen Plaatselijke Verordening Venlo tot een geldboete van 40 euro, subsidiair een dag hechtenis. Tegen dit vonnis stelde de advocaat van verdachte zes middelen van cassatie voor, die vooral omissies in het proces-verbaal en het niet beslissen op niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie betroffen.
De Hoge Raad oordeelde dat het vonnis slechts op beperkte gronden voor cassatie vatbaar is en dat de klachten over het ontbreken van bepaalde processtukken en beslissingen niet tot vernietiging kunnen leiden. Het beroep op niet-ontvankelijkheid wegens schending van het gelijkheidsbeginsel werd onvoldoende onderbouwd en het verweer van rechtsdwaling werd niet als zodanig expliciet aangevoerd, waardoor de kantonrechter terecht het verweer verwierp.
Verder werd vastgesteld dat verdachte naar het proces-verbaal wel aanwezig was geweest en een bekennende verklaring had afgelegd, zodat het bewijsgebruik gegrond was. De Hoge Raad vond geen motiveringsgebrek dat tot vernietiging zou leiden. Het cassatieberoep werd daarom verworpen en het vonnis van de kantonrechter bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd verworpen en het vonnis van de kantonrechter Venlo bleef in stand.